De meeste aandelenmarkten slaagden er gisteren in om een week die bijzonder slecht werd ingezet, toch nog te beëindigen op een positieve noot. Niet dat die volstond om het al geleden verlies goed te maken, maar het gaf de beleggers toch wat moed voor volgende week.

In Azië werd met wat -- onvermijdelijke -- vertraging gereageerd op de Amerikaanse cijfers over de bedrijfsinvesteringen in januari. Die stegen met 3,3 procent tegenover dezelfde maand van vorig jaar, veel meer dan verwacht werd. Dat is goed nieuws voor de Aziatische exportbedrijven. Honda bijvoorbeeld, dat negentig procent van zijn operationele winst boekt in de Verenigde Staten, klom 2,4 procent. Canon, waar de buitenlandse omzet zeventig procent van de winst genereert, ging 1,2 procent hoger.

Ook in Singapore en Australië gingen de koersen aardig wat omhoog, maar Zuid-Korea lijdt nog onder de spanningen die het communistische Noorden begin deze week veroorzaakte met de test van een raket met grote reikwijdte.

In Europa veerden de koersen krachtig op na de opwaartse herziening van de Amerikaanse economische groei tijden het laatste kwartaal van afgelopen jaar. De economie blijkt in drie maanden uiteindelijk met 1,4 procent te zijn geëxpandeerd.

Het lijstje stijgers is indrukwekkend, net als de winstpercentages, maar een en ander kan niet doen vergeten dat de Europese beurzen zowat de slechtste januari-februari-combinatie uit hun geschiedenis achter de rug hebben. De Dow Jones Stoxx 50 zakte 9,9 procent sedert 1 januari en de bredere Stoxx 600 gleed 9,8 procent terug.

De belangrijkste winnaars gisteren waren de ergste verliezers van de dagen en weken voordien. Aegon klom 8,5 procent, ING ging 6,8 procent hoger en Munich Re 6,3 procent. ABB knalde 10 procent omhoog na het verlies van donderdag dat veroorzaakt werd door erg slechte resultaten en een vermindering van het dividend. Royal & Sun ging 9,2 procent hoger.

Cap Gemini schoot 16 procent omhoog na de publicatie van veel beter dan verwachte resultaten. Ahold, de booswicht van de voorbije dagen, moest gisteren een half procent prijsgeven, wat het weekverlies op 67 procent bracht.

In de staalsector klom zowel Arcelor als Corus, respectievelijk met 7,5 en met 17 procent. Arcelor kondigde een prijsstijging aan voor april. De grootste staalproducent ter wereld verminderde zijn productie met 4 procent. Corus staat nu al 40 procent hoger dan woensdagavond.

In eigen land kreeg Mobistar klappen. De grootste gsm-operator na Belgacom donderde 5,7 procent omlaag bij een volume dat vier keer hoger lag dan gemiddeld. Goldman Sachs en KBC Securities verkochten ongeveer 5,6 miljoen aandelen Mobistar voor rekening van Cobepa Group, Gevaert, Gimv en KBC Bank en KBC Verzekeringen.

De aandelen-Electrabel klommen dan weer 2,7 procent na de publicatie van haast onveranderde resultaten, precies zoals eerder werd voorspeld.

In Amerika had de positieve herziening van de economische groei tijdens het laatste kwartaal aanvankelijk een positief effect. Intel haalt voordeel uit hogere prijzen en meer vraag naar zijn producten, zo blijkt uit een rapport van Lehman Brothers. Microsoft en Cisco werden meegezogen.

Maar kort voor de lunch, en met het weekeinde voor de deur, stak de vrees voor een Amerikaanse oorlog tegen Irak opnieuw de kop op. De Dow Jones index trappelde zowat ter plaatse, maar de technologie-index Nasdaq hield nog een winst van bijna een procent over.