BRUSSEL -- De verkoop van licenties voor derde-generatiemobilofonie (UMTS) moet de staat zoveel mogelijk opbrengen. Dat geld moet de regering gebruiken voor schuldaflossing of pensioenreserves, of er wordt een zware fout gemaakt.

Het gaat goed met de economie. De groei in ons land zal dit jaar meer dan 3 procent bedragen. Ook de rente blijft eerder laag, zelfs na de stijging van het afgelopen jaar. De begroting loopt op wieltjes.

En de staat heeft nog enkele verborgen schatten. Niet alleen in de oude economie (of zijn de mogelijke gasreserves in Limburg een kwakkel?), ook in de nieuwe economie zijn belangrijke activa aanwezig.

De toewijzing van UMTS-licenties is er een voorbeeld van. UMTS (Universal Mobile Telecom System) is de toekomstige standaard voor draadloze communicatie. Hij zal veertig keer sneller zijn dan de gsm-standaard, en is cruciaal voor de ontwikkeling van draadloze breedband multimediatoepassingen. Het is een strategisch actief voor de ontwikkeling van de zogenaamde (en soms over-hypte ) nieuwe economie.

Twee landen hebben de verkoop van hun licentie al volledig afgewikkeld (Finland en Spanje) en er een heel lage prijs voor gevraagd. De verkoop in het Verenigd Koninkrijk was anders georganiseerd (geen beperkte ,,schoonheidswedstrijd'', maar een echte veiling) en liet de markt ten volle spelen. De opbrengst overtrof alle verwachtingen omdat de telecombedrijven tot het bittere eind vochten.

Enkele maanden geduld hebben daar heel wat geld opgeleverd. De verwachtingen over het potentieel van de nieuwe economie zijn bovendien sinds het begin van het jaar stelselmatig opwaarts bijgesteld. De Nederlandse minister van Financiën, Gerrit Zalm, heeft zijn schatting over de mogelijke opbrengst ook fors verhoogd, tot 10 miljard euro, of 26.000 frank per inwoner. Als Zalms berekening ook geldt voor België, zou dit een waardering van 6,6 miljard euro voor ons land betekenen. Misschien werd Zalm begeleid door JP Morgan en Salomon Brothers, want zij hebben toevallig beide, onafhankelijk van elkaar, een waardering van 7 miljard euro op de Belgische licentie gekleefd in een recent rapport.

De UMTS-licenties zijn dus heel wat waard. Tussen de 40 en 280 miljard frank. De discussie over het exacte bedrag valt buiten de doelstelling van deze bijdrage. Ik hoop echter dat de staat het onderste uit de kan zal halen, en later het geld efficiënt zal gebruiken.

In een maximale hypothese bedraagt de opbrengst 2,7 procent van het Belgische bbp. Niettegenstaande de recente vervulling van heel wat wensen en noden, blijven er ongetwijfeld nog heel wat behoeften bestaan die met de onverhoopte inkomsten kunnen worden gerealiseerd.

Er kan heel wat gediscussieerd worden over de bestemming van deze inkomsten volgens de regels van de Europese Commissie. Anders dan bij privatiseringen, lijkt de beslissingsmarge wat ruimer. Naar de geest van de wet gaat het nochtans om hetzelfde. De verkoop van de licentie kan worden beschouwd als de verkoop van een belangrijk of strategisch staatsactief, te vergelijken met Belgacom, de ASLK of Distrigas. Dat het een langetermijnlicentie betreft en geen vast actief, is uiteindelijk een detail. Een privébedrijf verwerft een overheidsbezit. Als men vandaag voor de UMTS-licenties een andere interpretatie maakt, is de weg open voor misbruik in de toekomst. De verkoop kan als vruchtgebruik of als een bijzonder dividend worden gedefinieerd (de Nationale Loterij, de infrastructuur van de NMBS, enzovoort).

Daarnaast hebben alle andere eurolanden al aangekondigd dit geld te zullen gebruiken voor de aflossing van de schuld, met uitzondering van Frankrijk waar het ook voor de aanleg van pensioenreserves gebruikt zal worden. Met de recurrente opbrengsten van de lagere renteaflossingen kan er dan wel gedacht worden aan nieuwe uitgaven of, waarom niet, lagere belastingen (het positieve effect op het begrotingssaldo zal vanaf 2001 in de maximale hypothese 0,2 procent van het bbp per jaar bedragen).

Nog niet zo heel lang geleden, in het begin van de jaren negentig, was er in België grote ongerustheid over de toekomst van de overheidsfinanciën. De situatie is sindsdien gelukkig verbeterd, maar nog niet definitief opgelost. De daling van de overheidsschuld is bemoedigend geweest, maar nog niet voldoende. Niet alleen kan een rentestijging gecombineerd met een groeivertraging een pijnlijke terugkeer van de rentesneeuwbal mogelijk maken, ook de toekomstige pensioenlasten blijven een onopgelost probleem.

De onverwacht hoge opbrengsten van de UMTS-licenties moeten daarom gebruikt worden voor de aflossing van de overheidsschuld of het creëren van pensioenreserves. De geschiedschrijvers zullen anders binnen tien jaar een keihard oordeel vellen.

(De auteur is hoofdeconoom van de zakenbank Petercam.)