Mensen met een hoger inkomen geven meer geld uit aan kleren en restaurantbezoek. Mensen met een lager inkomen besteden meer geld aan tabakswaren en televisietoestellen.
Dat blijkt uit cijfers van Federale Overheidsdienst Economie.

De cijfers geven weer hoeveel euro gezinnen gemiddeld per jaar uitgeven aan ruim 200 verschillende producten en diensten.

Voor 2005 tonen de cijfers aan dat 3,76 procent van het budget van een gemiddeld Belgisch gezin naar kleding ging. Bij de 10 procent armste gezinnen gaat het maar om 2,18 procent, en bij de op één na armste groep om 2,69 procent.

De 10 procent rijkste huishoudens geven gemiddeld 4,73 procent van hun budget aan kleding uit. Bij de op één na rijkste groep is dat 4,47 procent. Rijkere mensen geven verhoudingsgewijs dus meer uit aan kleding.

Voor schoenen, meubelen en huishoudtoestellen en auto’s geldt hetzelfde. Rijkere mensen besteden proportioneel gezien ook meer geld aan computerapparatuur, restaurants en cafés, reizen naar het buitenland en levensverzekeringen.

Het omgekeerde geldt voor tabakswaren, verwarming, verlichting en water. Mensen met een kleiner inkomen geven relatief gezien ook meer geld uit aan gezondheid, erelonen aan artsen en televisie- en videotoestellen.

Wat boeken, kranten en tijdschriften betreft, is het beeld gemengd. Rijkere gezinnen geven verhoudingsgewijs meer uit aan boeken, armere aan kranten en tijdschriften.