De verplichting dat kandidaat-huurders van een sociale woning moeten bereid zijn Nederlands te leren, blijft gehandhaafd. Het moet voor de kandidaat-huurders wel makkelijker worden om hun Nederlandskennis te bewijzen. Dat hebben de Vlaamse minister van Wonen, Marino Keulen (Open Vld), en de Vlaamse minister van Cultuur, Bert Anciaux (Spirit), vandaag verklaard in het Vlaams parlement.
Dinsdag pleitte Spirit-parlementslid Dirk De Cock voor een afschaffing van het zogenaamde taalbereidheidscriterium voor kandidaat-huurders, zoals voorzien is in de Vlaamse Wooncode. Hij verwees naar de Kafkaiaanse gevolgen en het beperkte bereik van de nieuwe regelgeving. ‘Wanneer een medicijn meer schadelijke neveneffecten heeft dan het gezegende werking heeft, dan wordt het uit de rekken gehaald. Deze maatregel verdwijnt best uit de rekken’, meende De Cock.

Spirit-minister Anciaux nuanceerde woensdag in het parlement het pleidooi van zijn partijgenoot De Cock. Spirit blijft volgens hem achter het taalberheidsheidcriterium staan, maar het moet voor kandidaat-huurders wel makkelijker worden om hun kennis van het Nederlands te bewijzen.

Telefonisch bewijzen

Ook minister Marino Keulen wil het bewijzen van de kennis Nederlands zo laagdrempelig mogelijk maken. Momenteel is het voor potentiële huurders al mogelijk om telefonisch hun kennis van het Nederlands te bewijzen. ‘Wie nog een klantvriendelijker optie klaar heeft, mag ze mij altijd geven’, stelde Keulen.

Tijdens het debat over het taalbereidheidscriterium kwam het tot een bewogen confrontatie tussen Vera Dua (Groen!) en Open Vld. ‘U (Marino Keulen, nvdr) bent toch een liberaal. Rare jongens die liberalen. U wil zoveel mogelijk regels afschaffen. U staat voor vrijheid blijheid. Maar dat geldt alleen als het gaat om witte mensen, maar o wee als het over allochtonen gaat’, meende Dua.