De vijfde manche van de Superprestige in Gieten plaatst het veldritcircus voor een logistieke nachtmerrie. Een enkele rit Koksijde-Gieten zet 444 kilometer op de teller.
Veel tijd kregen Vervecken en co. niet om het duinzand uit de schoenen te kloppen. De lange verplaatsing naar Gieten - 444,05 km of 4,5 uur onderweg volgens de routeplanner - wachtte.

Vijf uur in de wagen, en dat met de herinnering aan de Hoge Blekker nog in de benen, zou het vuurwerk in Gieten wel eens kunnen ontmijnen. Hoe kunnen de veldrijders hun kruit droog houden?

De toppers hebben een grote oplossing gevonden: de mobilhome. Zo'n rijdende woonkamer minimaliseert blijkbaar het ongemak. 'Ik doe er eigenlijk alles in', prijst Sven Nys zijn wegreus van 9,5 meter. 'Tijdens de rit kan ik zelfs op de rollen rijden. Dat is een groot voordeel.'

De zuinige optie

Maar niet iedereen kan in dergelijke luxe reizen. Bart Aernouts, met zijn achtste stek in Koksijde toch geen sukkelaar, moet het met de gewone wagen doen. 'Dat gaat vlotter en is alleszins veel zuiniger in deze crisistijd', lacht hij.

De Rabobankrenner past gewoon zijn reisplanning wat aan. 'Na Koksijde rij ik naar huis (Essen, bij de Nederlandse grens). Dat ligt toch al een heel eind op de route en zo kan ik in m'n eigen bed slapen. Ik moet wel toegegeven: in een mobilhome kan je liggen. Dat scheelt misschien.'

Uitrusten terwijl je rijdt, het lijkt de ideale situatie voor een atleet. Of toch niet? 'Ik heb een camper,ja, maar toch ga ik met de wagen naar Gieten', verrast Rob Peeters. 'Ik kan in de auto ook rusten want m'n vriendin rijdt. En ondertussen heeft mijn vader de tijd om alles op te ruimen in Koksijde. Want ik vertrek meteen na de cross', zegt de ploegmaat van Nys verder.

'Maar ik heb de reis in stukjes verdeeld. Eerst rijden we naar de ouders van mijn vriendin in Zundert. Daar is er tijd voor een massage en eten we. Daarna rijden we nog door tot in Zwolle. Zo moet ik zondagochtend maar 90 kilometer meer overbruggen.'

Moe en verkouden

Elke veldrijder heeft dus zijn eigen plan om de hinder van het transport te minimaliseren. 'Maar meestal bekoop je zo'n verhuis pas de week daarna', waarschuwt Dag Van Elslande, teamdokter bij Astana.

'Renners die niet over een mobilhome beschikken kunnen zich misschien niet behoorlijk wassen en kruipen dan half koud de wagen in. Zelfs al reis je in etappes, het blijft toch - om het op zijn West-Vlaams te zeggen - tsjolen', meent Van Elslande.

'Die reis zal de prestaties van een renner in topvorm in Gieten niet beïnvloeden. Maar in de tien dagen die erop volgen kan je een terugslag krijgen in de vorm van vermoeidheid of een verkoudheid.'

En daar is volgens Van Elslande maar een middel tegen. 'Rusten. Zoals Dirk Demol (ploegleider Astana, red.) zegt: als je kan zitten moet je niet blijven staan en als je kan liggen moet je niet blijven zitten. De 'grote' renners, die een mobilhome krijgen van de sponsor zijn dus in het voordeel', besluit de Astanadokter.