Europa houdt stand in wereldwijde handel
vw Foto: ap
Terwijl de wereldwijde concurrentie toenam, heeft de Europese Unie tussen 1995 en 2005 zijn marktaandeel in de wereldwijde handel kunnen behouden. De VS en Japan daarentegen verloren terrein. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de Europese Commissie.
Een nieuw rapport van de Europese Commissie, dat maandag werd voorgesteld, analyseert de sterktes en zwaktes van de Europese Unie in de internationale handel. Over het algemeen wordt er een positief beeld geschetst.

Grootste handelsmacht

De EU is er, in een zeer competitief klimaat, in geslaagd om de grootste handelsmacht te blijven en om zijn marktaandeel in de wereldwijde handel (exclusief energie) te behouden.

In 2005 lag het marktaandeel van de EU op 19,5 pct, tegenover 20,8 in 1995. Daarmee doet de EU veel beter dan de VS en Japan. Het marktaandeel van de VS daalde in die periode met 4,4 procentpunten tot 13 pct, dat van Japan ging met 4,1 procentpunten achteruit tot 9,5 pct.

Dankzij de goede resultaten van enkele sectoren, zoals de chemische industrie, de farmaceutische sector, de productie van gemotoriseerde voertuigen en de productie van machines, is de Europese handelsbalans voor productiegoederen zeer positief geëvolueerd. Op die manier werden de hogere energiekosten gecompenseerd.

Positieve balans

Volgens de meest recente cijfers is de export tijdens de eerste acht maanden van 2008 gestegen met 5 pct, terwijl de import in die periode steeg met 0,7 pct. Dat betekent dat de positieve handelsbalans is versterkt.

Kwaliteit

Dat de EU het economisch zeer goed doet, is vooral te danken aan de productie van kwalitatieve producten. Voor dat soort producten, die ook tot een hogere prijsklasse behoren, is het marktaandeel van de EU aanzienlijk groter dan dat van de VS, Japan en China.

Doordat Europa gespecialiseerd is in de productie van deze kwalitatieve goederen, kan het zijn sociale bescherming, hoge lonen en werkgelegenheidsgraad behouden, luidt het.

Nadelen

Toch legt het rapport ook de nadruk op enkele negatieve punten. Zo scoort de EU slecht als het op de productie van 'high tech' of hoogtechnologische producten aankomt. Het Europese wereldwijde marktaandeel voor high tech is kleiner dan het marktaandeel voor de totale productie.

Bij de VS, Japan en China daarentegen ligt het marktaandeel voor hoogtechnologische producten hoger dan het marktaandeel voor de totale productie.

Een andere reden tot bezorgdheid is dat de EU marktaandeel verliest aan enkele snel groeiende markten, namelijk China, India, Rusland, Brazilië. Op lange termijn zouden deze slechte resultaten op een paar van de meest belovende markten de globale positie van de EU in de internationale handel kunnen ondermijnen.