Het aantal buitenlandse profvoetballers in de Belgische eerste klasse is met bijna een vierde toegenomen de laatste tien jaar. Volgens cijfers van de Koninklijke Belgische Voetbalbond speelden er begin dit seizoen ongeveer evenveel Belgische profs in eerste klasse als buitenlandse. Tien jaar geleden was slechts een vierde van buitenlandse afkomst.
Uit cijfers van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) blijkt dat in de Belgische eerste klasse begin dit seizoen 104 Belgische profvoetballers (52,5 procent) en 94 buitenlandse (47,5 procent) speelden. Tien jaar geleden was drievierde van de Belgische profs uit eerste klasse nog Belg. In de Belgische tweede klasse zijn de Belgen duidelijk in de meerderheid met 90 procent.

In België zijn er 386 spelers met een profstatuut. In totaal telde de KBVB eind maart vorig jaar 445.001 leden, waarvan er 423.883 op gras spelen en 21.118 in zaal. In Vlaanderen speelden er 250.164 mensen bij een club, in Wallonië 173.719. De cijfers houden geen rekening met de leden van amateurbonden.

In 1992 waren er iets meer dan 430.000 mannen en vrouwen aangesloten bij de KBVB. Sindsdien bleef het aantal hangen rond de 420.000, met een uitschieter in 2003 van 453.657 leden. Dat jaar haalde de KBVB de minimumleeftijd voor de duiveltjes naar beneden van zes tot vijf jaar.

Het vrouwenvoetbal in België ging er het sterkst op vooruit: op zes jaar tijd steeg hun aantal met 4.000. Momenteel zijn er 19.490 vrouwen aangesloten bij de voetbalbond.

De jongste jaren kwamen er gemiddeld 50.000 nieuwe leden bij, vooral in de categorie minder dan acht jaar. In 1999 was er een hoogtepunt van 59.825, in 2002 een absoluut dieptepunt met nog geen 35.697. De meeste leden van de voetbalbond zijn tussen 20 en 35 jaar oud (87.084). 85.948 voetballers zijn ouder dan 35. De categorie tussen 15 en 20 is minder groot dan het aantal nieuwkomers jonger dan acht.

Ter vergelijking: bij de basketbalbond zijn er 90.000 leden, in het tennis zijn er 227.324. In 1998 waren dat er nog 174.937.