Excelsior Moeskroen en de Belgische Voetbalbond zijn voor de rechtbank van eerste aanleg van Brussel verschenen. De rechtbank besliste om op 19 januari van start te gaan met de pleidooien, maar moet zich eerst uitspreken over zijn bevoegdheid.
Na de beslissing van de Licentiecommissie van de KBVB om de licentie van Moeskroen in te trekken, tekende de advocaat van de Henegouwers, meester Jean-Pierre Buyle, beroep aan. Voor de beroepscommissie vroeg Moeskroen dan om twee leden te wraken, omdat zij te veel verbonden waren aan concurrenten van les Hurlus. De commissie verwierp deze eis, maar beide leden namen inmiddels ontslag.

Meester Buyle trok vervolgens naar de rechtbank in kort geding en diende een eenzijdig verzoekschrift in, om de beslissing van de beroepscommissie op te schorten. De rechtbank volgde Moeskroen, op voorwaarde dat de club een zaak ten gronde zou inspannen. Die zaak werd dinsdag ingeleid. De advocaten van de KBVB betwisten echter de competentie van de rechtbank en dat debat zal op 19 januari gevoerd worden.

De KBVB zelf tekende dan weer beroep aan tegen de beschikking van de rechtbank in kort geding, die Moeskroen gelijk had gegeven. De zaak wordt vrijdag opnieuw gepleit, dit keer in aanwezigheid van de Belgische bond, iets wat vorige keer niet het geval was. Toen werd de beslissing bij hoogdringendheid genomen.