Turkije heeft zondag luchtaanvallen uitgevoerd op PKK doelwitten die zich tot 50 kilometer landinwaarts van de Iraakse grens bevonden. Dat bevestigt de Turkse vice-premier Cemil Cicek vanmorgen in de Turkse pers.
De luchtaanval gebeurde na een dodelijke aanslag van Koerdische rebellen op een eenheid Turkse soldaten.

'Na de Koerdische aanval, die het leven kostte aan twaalf Turkse soldaten, hebben enkele F-16's Koerdische doelwitten aan de grens met Irak en dan verder landinwaarts gebombardeerd. De vliegtuigen drongen 40 tot 50 kilometer diep Irak binnen om enkele bases van de rebellen te treffen', aldus Cicek in de krant Hürriyet.

Het leger heeft gemeld dat sinds zondag 34 rebellen van de separatistische Koerdische arbeiderspartij (PKK) zijn omgekomen. Turkije dreigt ermee Iraaks Koerdistan binnen te vallen. Een invasie is op 17 oktober goedgekeurd door het Turkse parlement.

Washington gaf daarover dinsdag te kennen dat het een diplomatieke oplossing verkiest. Vandaag riep ook Massoud Barzani, de president van Iraaks Koerdistan, de Koerdische rebellen op hun strijd te staken.