Leerlingen in de zogenaamde concentratiescholen in Vlaanderen boeken gemiddeld evenveel schoolse vooruitgang als hun collega's in 'witte' scholen. Dat blijkt uit onderzoek door Jean-Pierre Verhaeghe en Jan Van Damme van het Centrum voor Onderwijseffectiviteit en -evaluatie van de K.U.Leuven.
Voor de studie werden de schoolse prestaties van leerlingen in de eerste twee leerjaren onderzocht voor de vakken wiskunde, technisch lezen en spelling.

'Het aandeel van - al dan niet anderstalige - kansarme leerlingen in de schoolpopulatie blijkt doorgaans geen rol te spelen in de vooruitgang die geboekt wordt. Soms speelt dat aandeel zelfs een licht positieve rol', luidt het.

Onderlinge verschillen

De verschillen tussen de scholen zijn echter groot. 'Onder de scholen met veel Vlaamse of allochtone kansarme leerlingen treffen we zowel minder effectieve als heel effectieve scholen aan, net zoals bij de scholen met overwegend Vlaamse, niet-kansarme leerlingen', aldus de onderzoekers.

Vooral in het eerste jaar halen kansarme kinderen achterstand in, terwijl de achterstand in het tweede jaar nog nauwelijks vermindert.

Wat rekenvaardigheid betreft bijvoorbeeld starten anderstalige kansarme kinderen naargelang de taalgroep met een achterstand van bijna 40 tot ruim 90 procent van een schooljaar ten opzichte van de doorsnee Vlaamse leerling. Op het einde van het eerste leerjaar is hun achterstand nog één derde tot de helft, maar in het tweede leerjaar verandert er nog maar weinig.

Achterstand hangt overigens vooral samen met de sociale of etnisch-culturele achtergrond van de betrokken leerlingen.