Schrijver Jeroen Brouwers wil alsnog de Prijs der Nederlandse Letteren aanvaarden, die hij vorig jaar gewonnen heeft. Brouwers weigerde de prijs eerst omdat hij vond dat het prijzengeld niet in verhouding stond tot het prestige van de prijs. Intussen is beslist het prijzengeld op te trekken. Maar Brouwers ziet het bedrag aan zijn neus voorbij gaan.
'Belazerd en bedrogen', zo zegt schrijver Jeroen Brouwers zich te voelen nu besloten is om het geldbedrag dat verbonden is aan de Prijs der Nederlandse Letteren van 16.000 naar 40.000 euro te verhogen. In de krant De Morgen zegt de schrijver het geld alsnog, weliswaar 'onder protest', te willen accepteren.

Tot grote teleurstelling van Brouwers is het nieuwe reglement echter pas van kracht in 2009, als er opnieuw een Prijs der Nederlandse Letteren wordt uitgereikt. 'Tenslotte ben ik toch degene die de discussie heeft geopend die tot de verhoging heeft geleid. In plaats van daar een beloning voor te krijgen, word ik gestraft', zegt Brouwers. De mogelijkheid dat de schrijver de prijs alsnog zou krijgen, wordt uitgesloten door de Nederlandse en Vlaamse minister van Cultuur, die samen verantwoordelijk zijn voor de prijs. 'Het kan niet zo zijn dat de winnaar van de prijs kan gaan onderhandelen', zegt de Nederlandse minister Ronald Plasterk.

'Volgens het reglement kun je de Prijs der Nederlandse Letteren maar één keer krijgen', zegt een woordvoerster van minister Bert Anciaux. 'Helaas, want het klopt natuurlijk wel dat Jeroen Brouwers de discussie heeft aangezwengeld die tot deze verhoging heeft geleid.'