Japanse miljonair tot levenslang veroordeeld wegens verkrachtingen
In Japan is de 54-jarige miljonair Joji Obara dinsdag vrijgesproken van de moord op een Britse 21-jarige barmedewerkster, maar voor negen andere gevallen van verkrachting tot levenslang veroordeeld.
De Britse, Lucie Blackman, werd in 2001, ruim een half jaar na haar verdwijning, zonder ledematen en met haar hoofd in een blok beton aangetroffen in een grot vlakbij het huis van de verdachte. Hoewel er volgens de rechtbank geen twijfel over bestaat dat Obara bij Blackman in de buurt was toen zij stierf en dat hij een aandeel had in het afzagen van haar ledematen, ontbreekt het fysieke bewijs dat hij haar om het leven heeft gebracht.

In Groot-Brittannië, waar de rechtszaak in de media op de voet werd gevolgd, werd teleurgesteld gereageerd op de uitspraak. Obara had de familie Blackman vorig jaar een bedrag van honderd miljoen yen (622.000 euro) betaald, volgens hem niet als schuldbekentenis, maar als een teken van medeleven voor hun verlies.

Een van Obara’s andere slachtoffers was de eveneens 21-jarige Australische Carita Ridgway. Zij stierf in 1992 in het ziekenhuis aan een overdosis drugs die Obara haar had toegediend voor hij haar verkrachtte. Die zaak werd pas na Blackmans verdwijning met Obara in verband gebracht.

In het huis van de miljonair werd videomateriaal aangetroffen waarop te zien is hoe hij het meisje met chloroform bedwelmt en daarna verkracht. Obara is niet veroordeeld wegens moord op Ridgway, maar enkel voor de mildere aanklacht ’verkrachting die tot de dood leidde’.

De verkrachter, die veel van zijn ’trofeeën’ op band vastlegde en zijn slachtoffers nauwgezet beschreef in een dagboek, had zichzelf ten doel gesteld om voor zijn vijftigste met vijfhonderd vrouwen het bed te hebben gedeeld. Door de zaak is er meer aandacht gekomen voor de gevaren waaraan buitenlandse vrouwen, die in Japan in bars werken, worden blootgesteld.