Val kost Kevin Van Der Perren podium
Kevin Van Der Perren was in vorm. Hij sprong goed. Op training. Maar een val en enkele schoonheidsfoutjes deden zijn droom - zijn bronzen medaille van vorig jaar verdedigen - de das om. Het goud was met 232,67 punten voor de Tsjech Tomas Verner. De Zwitser Stéphane Lambiel (219,63) werd tweede, de Fransman Brian Joubert (219,45) derde.
Voor de eerste keer in zijn leven verdedigt hij een medaille. Dat leidt tot bijkomende stress. Maar hij is in vorm.’ Kort na de middag, coach Vera Vandecaveye kijkt toe hij als Kevin Van Der Perren als eerste van de favorieten zijn generale repetitie afwerkt. Hij laat niet in zijn kaarten kijken, voert flarden van zijn kür uit en springt niet. Zand in de ogen strooien, heet zoiets. Tijd voor het psychologische steekspel, deel twee.

Terwijl de anderen hun uitvoering op training afwerken, toont Van Der Perren aan het publiek welke sprongen hij beheerst. Die zit, zegt Vandecaveye. ‘De jury zei me: amai, Kevin zit goed. Dat hebben zijn concurrenten ook gezien.’

Moeilijkheidsgraad

Na de korte kür, eergisteren, keek Van Der Perren, vierde, tegen een achterstand van vijf punten aan voor het brons. Niet weinig, maar niet onoverkomelijk, aldus zijn entourage. Vandecaveye: ‘Vijf punten is één sprong.’

Van Der Perren wist wat hem te doen stond. Een zo loepzuiver mogelijke vrije kür schaatsen en uitpakken met zijn handelsmerk, zijn sprongen.

Net zoals in de korte kür opteerde Van Der Perren voor een vrije kür met een hoge moeilijkheidsgraad. Bovendien werd dit seizoen het accent gelegd op het perfectioneren van de vrije kür, omdat de punten daar meer doorwegen dan de korte.

Van Der Perren schaatste geen foutloze kür, viel één keer en maakte enkele schoonheidsfoutjes. ‘Shit. Dit is één fout te veel’, zegt hij. Vandecaveye: ‘Ik onthou het tweede gedeelte. Daar heeft hij nog veel goedgemaakt.’

Van Der Perren viel net naast het podium. Is dat slecht? Niet echt. De Europese top zit kwalitatief veel dichter tegen elkaar dan de wereldtop. De nummers één, twee, vijf en zeven van de wereld zijn Europeanen. Maar hij had wel op meer gehoopt. ‘Die bronzen medaille van vorig jaar legt echt veel druk op mij.’

Heup

De erelijst van Van Der Perren oogt indrukwekkend. Negende op de Olympische Spelen, achtste op het WK, bronzen medaille op het EK. Nog drie schaats- seizoen de tijd om te oogsten. Want iedereen kan op zijn hoofd gaan staan, Van Der Perren stopt na de Winterspelen van Vancouver 2010. ‘En daar blijf ik bij, ik ga zeker niet door’, zegt hij.

Vandaag mag hij zich, op basis van de wereldranglijst, de op zes na beste kunstschaatser ter wereld noemen. Van Der Perrens opdracht luidt nu: hopen dat zijn heup het houdt tot het WK in Göteborg, in maart. ‘Maar ik kan niet veel zeggen van het WK, want het is van 2005 geleden dat ik er geweest ben’, zegt hij. ‘Toen had ik wel de beste technische score van iedereen en was ik slechts achtste in de eindstand. Ik hoop dat ik rond een zesde, vijfde plaats kan eindigen. Maar ik wil dit jaar absoluut naar dat WK.’

Dan volgen de al lang uitgestelde, maar broodnodige heupoperatie en het huwelijk met de Noord-Ierse schaatsster Jenna McCorkell. En daarna een revalidatie van drie maanden, en hop, recht op het laatste doel af: Vancouver 2010. Vandecaveye: ‘Als alles volgens plan verloopt, kan hij daar zeer mooie dingen doen.’