BRUSSEL - De negen weken oude Nicky is de eerste commercieel gekloonde huiskat. De poes kostte haar bazinnetje, een Texaanse vrouw, 50.000 dollar.

Het katje werd gekloond uit het DNA van haar naamgenoot Nicky, een teerbeminde huiskat van 17 jaar die vorig jaar overleed. Met de kleine Nicky is het alsof Nicky I nooit verdwenen is uit het leven van poezenbazin Julie. Het gekloonde katje is identiek aan haar gestorven DNA-verwant, zowel wat uiterlijk als karakter betreft.

Julie, die de opdracht gaf tot het klonen van haar geliefde viervoeter, houdt haar familienaam liever geheim uit vrees voor protesten van tegenstanders van klonen. Tegenstanders trekken hard van leer tegen de kloonpraktijken. David Magnus van het Center for Biomedical Ethics aan de Stanford University vindt dat het moreel niet verantwoord is. ,,Voor 50.000 dollar kon ze heel wat straatkatten een thuis gegeven hebben'', aldus Magnus over het initiatief van Julie.

Volgens dierenrechtenactivisten is er geen nood aan gekloonde katten. Jaarlijks krijgen meer dan duizend straatkatten immers een dodelijk spuitje toegediend. Daarnaast waarschuwen wetenschappers dat gekloonde dieren meer gezondheidsproblemen hebben dan traditioneel gekweekte dieren.

Het Californische bedrijf dat de kat kloonde, Genetic Saving and Clone, heeft nog ’bestellingen’ liggen voor vijf andere katten en hoopt tegen het einde van het jaar in totaal vijftig katten te hebben gekloond. In mei 2005 hoopt de firma ’s werelds eerste gekloonde hond op de wereld te zetten.