Rechter doet opmerkelijke uitspraak over rookverbod
Foto: pol de wilde
De strafrechter van Tongeren heeft vrijdag een opmerkelijke uitspraak gedaan in een zaak waarin een 31-jarige cafébaas uit Houthalen-Helchteren terechtstond voor het overtreden van het rookverbod.

De rechter oordeelde namelijk dat het onderscheid in het betreffende KB tussen horecazaken waar wel en niet gerookt mag worden, niet redelijk verantwoord is en een schending van het gelijkheidsbeginsel inhoudt. 'Er dient besloten te worden tot de onwettigheid van dat KB, wat tot de vrijspraak van de beklaagde leidt', zo luidde het.

De cafébaas, die in Genk een café/eethuis uitbaat onder de bvba DC Horeca, werd tussen februari 2007 en juni 2008 acht keer betrapt op het overtreden van het rookverbod. Zo hingen er in zijn zaak geen rookverbodtekens en plaatste de uitbater ondanks het heersende rookverbod asbakken op tafel.

De rechter wees er vrijdag in zijn vonnis op dat de wetgever in het KB van 13 december 2005 een onderscheid creëerde naargelang de te beschermen niet-roker zich naar een klasserestaurant begeeft (waar niet gerookt mag worden) dan wel naar een brasserie of frituur (waar eventueel wel gerookt mag worden).

'Dat houdt een schending in van het gelijkheidsbeginsel en werkt bovendien oneerlijke concurrentie in de hand', zo oordeelde hij.

De rechter besloot op basis daarvan dat het betreffende KB onwettig verklaard dient te worden, en dat zowel de cafébaas als de bvba vrijgesproken moesten worden.