BRUSSEL - Minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht stelt zich vragen bij de praktische haalbaarheid van de geplande verkiezingen in Congo. Dat bleek vandaag in de Kamer. De politieke wil is er, maar de praktische organisatie vormt een gigantisch probleem, zowel op logistiek als op financieel vlak, verduidelijkte hij.
De VLD-minister bracht in de gemengde parlementaire commissie voor Buitenlandse Aangelegenheden verslag uit van zijn driedaagse trip naar Congo. Hij ging vooral in op twee thema’s: de verkiezingen en de volgens hem absolute noodzaak om een geïntegreerd Congolees leger op de been te brengen.

De Gucht zei ter plaatse te hebben vastgesteld dat de politieke wil om verkiezingen te organiseren is toegenomen: ,,Het is een onvermijdbaar gegeven geworden. De Congolese bevolking wil te allen prijze verkiezingen. Ze verwachten er veel en te veel van. De voorbereiding is bezig en gaat vooruit. De praktische organisatie is echter een ander paar mouwen'', aldus het hoofd van de Belgische diplomatie.

De minister wees op de enorme moeilijkheden om in een land als Congo verkiezingen te organiseren. Praktisch moet elk stembureau elektriciteit hebben en moeten er opleidingen georganiseerd worden om met de stemcomputers te werken. Logistiek is het moeilijk om verkiezingen te organiseren in een gigantisch land zonder infrastructuur. En ook financieel moet het plaatje kloppen. De Congolese regering rekende uit dat de stembusslag 280 miljoen euro gaat kosten, maar hield daarbij geen rekening met de logistieke kosten. Die worden door de VN-vredesmacht ter plaatse (Monuc) geschat op 135 miljoen per ronde.

De Gucht concludeert,dat verkiezingen in juni - zoals oorspronkelijk voorzien - uitgesloten zijn. Dit jaar is enkel de registratie van de kiezers en 1 ronde mogelijk, meent hij.

Leger

De minister ging ook in op de vorming van een geïntegreerd Congolees leger, volgens De Gucht een absolute prioriteit om het land gestabiliseerd te krijgen. ,,Anders komt het vroeg of laat toch weer tot een open oorlog.''

België vormde al een eerste geïntegreerde brigade met soldaten uit de verschillende bevolkingsgroepen, maar er zijn nog zeven nodig. Probleem is echter de gemengde samenstelling van de brigades. De verschillende groepen die deelnemen aan de transitie zijn niet happig hun soldaten af te staan omdat ze vrezen zo de greep te verliezen op hun eigen regio.