BRUSSEL _ In aanwezigheid van Koningin Fabiola gingen maandagavond de finales van de Elisabethwedstrijd van start. Noch Boris Brovstyn (met zijn moeder aan de piano), noch Mikhail Ovrutsky (met zijn zusje) zullen de wedstrijd winnen. Inmiddels valt het plichtwerk van de Deense componist Søren Nils Eichberger best mee. En het Nationaal Orkest van België is goed op weg om weer het beste van het land te worden.
De week dat ze in de Muziekkapel Koningin Elisabeth waren opgesloten, hebben ze er allebei ongetwijfeld heel hard aan gewerkt. Maar ze hebben hun storende tic van de vorige rondes niet kunnen afleren.

Boris Brovtsyn (Moskou, 1977) is een blonde, geblokte jongeman – en een showbeest. Tijdens de eerste ronde van de wedstrijd kwam hij als tweede aan bod. Koningin Fabiola zat in ‘haar’ loge in het Conservatorium, hij was de eerste die haar met een hoofse, maar bovenal minzame, glimlach-en-knik begroette. Waarna hij begon te spelen, met briljante toon.
En hij was daar als eerste door begeesterd. Het was eerst ontroerend, vervolgens grappig, hoe hij als betoverd zijn handen, strijkstok, snaren en viool bleef aanstaren. Een steeds grotere gelukzaligheid vervulde daarbij uiteraard zijn brede gelaat. En dat nam in de finale enigszins karikaturale vormen aan.

Mikhail Ovrutsky (Moskou, 1980), een lijkbleke, schriele jongen, is blijkbaar door een van zijn leraars bijgebracht dat hij voor het concert het publiek uitgebreid aan zijn toon moet laten wennen. In de halve finales stemde hij zijn viool daarom onredelijk uitgebreid op het podium. En maandagavond bleef dat nog veel langer duren, solo of met hobo, aan het stemmen kwam geen eind. Hij slaagde desondanks in om in de finale van het vioolconcert van Tchaikovsky zijn juiste toon weer kwijt te spelen.

In de magnifieke Henry LeBoeuf-zaal van het PSK viel me in eerste instantie op dat de totaalklank van beide violisten te slank is voor een auditorium van deze omvang. Brovtsyn omzeilt dit handig door de kaart van de (berekende) finesse te trekken. Hij speelt soms uiterst zacht, maar is een begiftigd verteller, je blijft geboeid naar hem luisteren. En zelfs in het orkestgeweld blijft zijn viool wonderwel hoorbaar. Jammer genoeg heeft hij een voorliefde voor tergend trage tempo’s. Zijn vioolconcert van Brahms was dan wel helemaal fout (een sepia prentbriefkaart in plaats van een scherpe tekening), maar tegelijk uitzonderlijk mooi. Ovrutsky speelde het spel eerlijker: hij speelde gewoon rechtdoor, waardoor zijn toon regelmatig verzoop in die van het orkest. Maar hij is een veel briljanter interpreet dan Brovtsyn.
De violisten speelden goed samen met het uitstekende orkest, attentief geleid door Gilbert Varga, die hen aan het einde een warme berenknuffel gaf. Ze luisterden naar de mensen achter hen, maar het orkest luisterde veel beter naar Ovrutsky. In het concert van Tchaikovsky speelde hij zo intens samen met klarinettist Ronald van Spaendonck, dat die ene passage meer op jazz dan op hoogromantiek leek. Ondanks zijn technische problemen in het slotdeel, ondanks het feit dat hij jojo speelde met het tempo, was dit een beklijvende (en bejubelde) uitvoering.

Het plichtwerk Qilaatersoneq van de Deense componist Søren Nils Eichberger wordt geacht een rituele drumdans van de Eskimo’s voor te stellen. Het is een vakkundig werk, maar al te veel melodieuze post-moderne filmmuziek. Brovtsyn speelde vaardig, maar zonder de geringste overtuiging, Ovrutsky bracht hier leven in.
Voor de kamermuziek had de eerste (keurig begeleid door mama) de vioolsonate van Claude Debussy gekozen, een van de laatste werken van de componist. Ook die was helemaal fout, werd salonmuziek, maar klonk andermaal wondermooi. Ovrutsky, met een zeer geïnspireerde zus aan de vleugel, had geopteerd voor de vioolsonate in F van Felix Mendelssohn-Bartholdy. En dit werd echte kamermuziek. Jammer dan dat die sonate bovenal salonmuziek is. Ze hadden beter de werken omgewisseld.
Samengevat: Brovtsyn was de beste violist, Ovrutsky de beste muzikant. Maar mirakels hebben zich nog niet voorgedaan in het PSK.

  • Eerste finaleavond van de Koningin Elisabethwedstrijd Brahms en Tchaikovsky, met het Nationaal Orkest van België o.l.v. Gilbert Varga. Brussel, Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, 21 mei. De finales lopen tot zaterdag. Info & tickets: 02/513 00 99. De concerten zijn live en integraal te volgen op Klara en te zien op La Deux, in uitgesteld relais op Canvas.