In Peking is het zeventiende congres van de Chinese Communistische Partij afgelopen. Dat ging gepaard met de goedkeuring van een amendement en van voorziene wijzigingen binnen de hoogste leiding, die de huidige Chinese nummer één, Hu Jintao, ten goede moeten komen.
Het congres in de Chinese hoofdstad ging maandag van start. Tijdens de voorbije week hamerde Hu op het belang van een 'evenwichtige ontwikkeling om een gezonde en snelle groei te verzekeren'. China heeft met 1,3 miljard inwoners de grootste bevolking ter wereld en is op weg om de derde grootste economie te worden.

De problemen die moeten worden aangepakt, zijn volgens Hu de verdeling van de inkomsten uit arbeid, de sociale bescherming, de volksgezondheid en het onderwijs. De secretaris-generaal van de partij stelde dat er nog steeds 'een niet te negeren kloof gaapt tussen hetgeen we gerealiseerd hebben en wat het volk van ons verwacht'.

De partijbijeenkomst schaarde zich voorts achter het vertrek van drie van de negen hoogste Chinese leiders, onder wie de vicepresident van de Republiek, Zeng Qinghong. Waarnemers beschouwden hem als een rivaal van Hu Jintao.

Zeng, Luo Gan en Wu Guanzheng werden niet opnieuw verkozen voor het centraal comité van de partij. Ze kunnen dus geen deel meer uitmaken van de hoogste leiding, waar ze al sinds 2002 deel van uitmaakten.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig