Edvard Kokojty, de 'president' van de separatistische Georgische regio Zuid-Ossetië, heeft aan Rusland gevraagd om de onafhankelijkheid van zijn regio te erkennen. Hij deed dat tijdens een openluchtmeeting in de Zuid-Ossetische hoofdstad Tschinvali.
'We hebben het verdiend om in een vrije republiek te leven', verklaarde Kokojty. Hij stelde tijdens de bijeenkomst de 'genocide' aan de kaak waar het Ossetische volk volgens hem het mikpunt van was.

Verantwoordelijkheid

'Georgië is niet de enige verantwoordelijke. Dat zijn ook Oekraïne en de Verenigde Staten, en ook zij moeten veroordeeld worden voor genocide', zei Kokojty.

'Ik kan jullie verzekeren dat dit de laatste tragedie van deze aard was op ons territorium. Wij leven in de vrije staat Zuid-Ossetië en de volgende keer dat we bij elkaar komen, zal dat zijn om een heugelijke gebeurtenis te vieren: de erkenning van de onafhankelijkheid van Zuid-Ossetië', zei Kokojty tegen de menigte.

Clustermunitie

Intussen beweert de Amerikaanse ngo Human Rights Watch (HRW) dat het over nieuw bewijsmateriaal beschikt dat Russische troepen in Georgië clustermunitie gebruikt hebben, ondanks 'eerdere ontkenningen van de Russen'.

HRW heeft een grote hoeveelheid achtergelaten clustermunitie kunnen fotograferen in dorpen dichtbij de Georgische stad Gori. Om de burgers te beschermen, roept HRW Moskou op om informatie te verschaffen over de plaatsen waar de clusterbommen werden gedropt.