DEN HAAG - Nederlandse commando’s hebben bij een speciale actie in de Baluchipas in de Afghaanse provincie Uruzgan de afgelopen tien dagen zeker achttien vijandelijke strijders gedood. Aan Nederlandse zijde vielen geen slachtoffers. Dat heeft de commandant der strijdkrachten generaal Dick Berlijn vrijdag bekendgemaakt.
De offensieve operatie van de commando’s was ingegeven door een ,,directe dreiging'' voor de twee Nederlandse bases in de provincie, Kamp Holland bij Tarin Kowt en het kleinere kamp bij Deh Rawod. Volgens Berlijn waren er voldoende bewijzen dat de Nederlandse kampen werden geobserveerd en dat de strijders van onder andere de taliban iets van plan waren om een offensieve actie te rechtvaardigen.

Er waren volgens de generaal enkele honderden strijders actief in de Baluchi vallei. Vanaf de toppen van de vallei zou kamp Holland, tien kilometer verderop, mogelijk onder vuur genomen kunnen worden. Ook zou het de bewegingsvrijheid van de Nederlanders in het gebied belemmeren.

Daarom werd samen met eenheden van de door de Amerikanen geleide operatie Enduring Freedom (OEF) een zware actie op touw gezet. Daarbij namen de Nederlandse commando’s de bergrug voor hun rekening en de OEF-soldaten het lager gelegen gebied van de pas. De Nederlandse eenheden werden bij hun acties ondersteund door Nederlandse F16’s en Apache gevechtshelikopters.