Brussel moet de mogelijkheid krijgen om op economisch vlak, inzake infrastructuur en arbeidsmarkt, maar ook financieel voor een stuk zijn grenzen te overstijgen. Dat zegt CD&V-minister van Institutionele Hervormingen Yves Leterme in een interview met Le Soir. Brussels minister-president Charles Picqué (PS) reageert verheugd.
Met Brussel-Halle-Vilvoorde is Leterme op dit moment naar eigen zeggen niet bezig. Dat is wel het geval met andere Brusselse aspecten, zoals de relatie tussen Brussel en zijn hinterland, zegt Leterme.

'Op een bepaald moment moet je durven een structuur of een beslissingsproces op poten zetten dat verder gaat dan de 19 gemeenten', verklaart Leterme.

De Vlaamse christendemocraat zegt daarnaast dat ook anderen moeten meebetalen voor bevoegdheden die Brussel nu alleen financiert, zoals op het vlak van mobiliteit. 'Vlamingen en Walen hebben er belang bij dat je vlot door Brussel kunt rijden. Ik moet daarvoor betalen. Ik doe dat nu al, maar misschien zou dat wel meer mogen zijn.'

'Brussel is ook een fantastisch economisch instrument waar iedereen kan van genieten. We moeten dus bereid zijn om mee in te staan voor de investeringen die daarvoor nodig zijn', meent hij.

Leterme laat ook verstaan dat respect moet worden betoond voor de wil van de Brusselse politici om zelf over het gewest te beslissen en voor de eigenheid ervan. Ze moeten op voet van gelijkheid met de andere gewesten kunnen spreken, klinkt het nog. Picqué tevreden

Brussels minister-president Charles Picqué reageert tevreden op de verklaringen van Leterme. Het geeft volgens hem aan dat de CD&V'er inziet dat de economische ontwikkeling van Brussel van groot belang is voor het hele land. 'Meer zelfs, Yves Leterme ziet oplossingen die bijzonder redelijk lijken en die een onmiskenbaar positieve weerslag zouden hebben voor de Brusselaars', luidt het in een mededeling.

Tevredenheid is er ook omdat Leterme Brussel erkent als een volwaardig gewest, zegt dat het normaal is dat anderen meer middelen besteden aan Brussel en dat de Brusselaars zelf moeten nadenken over hun toekomst.