Zo’n drietal weken voor het WK begon, stond er in onze straat plots een elektrische deelbakfiets, in flashy geel. Eerst cirkelden we een weekje om de stadspijl heen, snuffelden eraan als jonge hondjes aan een lantaarnpaal. We, dat zijn mijn dochter en ik. Zij zou zitten, ik zou trappen. Zo doen we dat eigenlijk haar hele leven al. Als peuter zat ze nog ­prinsesheerlijk aan mijn stuur vastgeklonken. Later verhuisde ze naar een zitje op de bagagedrager, maar meer en meer wordt dat een beproeving voor fietsbanden én spieren, die met elkaar gemeen hebben dat ze niet meer ­honderd procent op te pompen zijn.

De verleiding werd te groot, de QR-code gelezen, de bankkaart gekoppeld, en dus fietste ik sinds begin november als bakker naar school, en was zij ...