Limburgse tennisser is nieuwe nummer één van de wereld bij junioren: ‘Weg nog lang, maar toekomst oogt goed’
Gilles-Arnaud Bailly.  Foto: belga

Tien jaar na Kimmer Coppejans (ATP 203) heeft België met Gilles-Arnaud Bailly voor de tweede keer een nummer één van de wereld bij de juniores. De zeventienjarige Bilzenaar zal zijn eerste plaats volgend seizoen niet verdedigen, hij kiest resoluut voor het profcircuit.

Voor Bailly is de eerste plaats op de wereldranking de kroon op het werk van een geweldig jaar. De speler van de Wilson Luxilon Tennis Academy schopte het dit seizoen zowel op Roland Garros als op de US Open tot de finale. Voorts won hij het EK U18 en mocht hij van kapitein Johan Van Herck al eens meetrainen met het Belgische Daviscupteam. Op de European Open dwong de Bilzenaar David Goffin tot een slopende driesetter in zijn eerste match ooit op het ATP-circuit. Als nummer één van de wereld lost Bailly de Paraguayaan Daniel Vallejo af, die volgend jaar negentien wordt en daardoor geen junior meer is.

Bailly treedt met zijn hoogste plaats op de wereldranglijst in de voetsporen van de naar Ham uitgeweken West-Vlaming Kimmer Coppejans (28), die in 2012 als achttienjarige nummer 1 van de wereld was bij de juniores. Dat Bailly volgend jaar die positie niet zal verdedigen, maar voor het profcircuit kiest, vindt Coppejans een goede beslissing. ‘Het heeft weinig zin om nog een jaar langer bij de juniores te spelen, louter voor de eer’, vertelt Bailly’s voorganger. ‘Voor Gilles-Arnaud is dit een fantastische beloning voor zijn harde werk. We trainen vaak samen op de academie. Een heel vriendelijke jongen. Mentaal sterk. Hij zal zeker niet zweven, bovendien wordt hij heel goed omkaderd. Je mag deze prestatie niet onderschatten. Om nummer één te worden, moet je heel goed presteren op de grandslams en dat heeft Gilles-Arnaud het afgelopen jaar gedaan.’

Geen garantie op succes

Een garantie op succes bij de grote jongens is die eerste plaats bij de juniores niet. Coppejans’ hoogste positie op de ATP-ranking is plaats 97. ‘Voor mij was dat al een mooi resultaat. Door mijn status bij de juniores lagen de verwachtingen van de buitenwereld hoger, maar het is heel moeilijk om in de top 10 of zelfs top 20 te komen. Dan moet alles meezitten en moet je ook gespaard blijven van blessures. Van mijn generatie is dat alleen Dominic Thiem, Alexander Zverev, Nick Kyrgios en Lucas Pouille gelukt. In ieder geboortejaar stoten slechts een paar spelers door naar de echte top.’

Volgens Coppejans beschikt Bailly zeker over de wapens om het ver te schoppen. ‘De weg is nog heel lang. Nu begint het pas omdat hij helemaal onderaan de ladder start met het spelen van futures. Hij moet zo snel mogelijk in het challengercircuit raken. Als Belg is het extra moeilijk om wildcards te krijgen. In Italië alleen al vinden er jaarlijks dertig challengertoernooien plaats. De wildcards gaan dan uiteraard naar de thuisspelers. Op de European Open en een challengertoernooi na zijn er in België geen toernooien waar je veel punten kunt vergaren. Maar nogmaals, de toekomst oogt goed voor Bailly.’