camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

energiecrisis

Hoe u honderden euro’s op energie kunt besparen zónder kou te lijden

Niet iedereen bespaart evenveel door de thermostaat één graad lager te zetten of korter te douchen. EnergyVille/Vito becijferde hoeveel een ingreep ú echt oplevert.

maandag 7 november 2022 om 3.25 uur

Lara en Alexander

Een laat herfstzonnetje heeft ons even respijt gegeven, maar nu is het ­zover: om ons warm te houden zullen we stilaan ­beginnen stoken. Ondanks de intussen weer ­dalende prijzen dreigt ons energie­verbruik een aardige duit te kosten.

Het goede nieuws: ook met relatief kleine ingrepen kunt u de energiefactuur aardig verlagen. De winst die zulke ­besparingen opleveren, hangt wel heel sterk af van de individuele situatie. Dat leert een ­analyse van Koen Vanthournout en Stijn Verbeke, onderzoekers bij Energy­Ville/Vito, op vraag van De Standaard.

 

Loont het om de thermostaat af te zetten als u er niet bent?

De temperatuur binnen aangenaam houden in de herfst en winter, het is voor ­iedereen die niet in een energieneutrale woning leeft de hoofdbrok van het energieverbruik. Zo’n 80 tot 85 procent van ons verbruik gaat naar verwarming.

Alleen al de keuken en de leefruimte op 21 graden brengen, kost volgens de ­berekeningen van EnergyVille/Vito en UAntwerpen zelfs in een zeer goed geïsoleerde rijwoning bijna 1.300 euro per jaar. De bewoners van een slecht geïsoleerde villa tellen daar jaarlijks bijna 14.000 euro voor neer. Hierbij werd gerekend met de gemiddelde prijs voor energie, zoals ­berekend door de Vlaamse energieregulator Vreg.

Veel gezinnen kunnen grote bedragen besparen op de verwarming, ook zónder veel comfort te verliezen tijdens de ­‘wakkere uren’ thuis. Het loont immers om de verwarming ’s nachts af te zetten, en overdag als er niemand thuis is. Voor een slecht geïsoleerde rijwoning die ­verwarmd wordt met een moderne ­­gas­ketel, komt dat neer op een besparing van bijna 1.100 euro per jaar. In een zeer goed ­geïsoleerde villa levert dat ruim 900 euro op. Voor alle besparingen geldt: hoe meer u vandaag al aan energie uitgeeft, hoe groter de besparing van eenzelfde ­ingreep.

Het lijkt tegen de intuïtie in te gaan, maar het is dus zinvol om het huis te ­laten afkoelen en pas opnieuw te verwarmen als de bewoners er iets aan hebben. Dat kost minder dan de temperatuur de hele nacht op peil te houden door continu een beetje te stoken. Woningen ver­liezen immers hun warmte als het ­buiten kouder is, en dat verlies versnelt naarmate het temperatuurverschil ­tussen binnen en buiten groter is. ‘Als de verwarming ’s nachts wordt afgezet en de temperatuur binnenshuis zakt, ­verkleint het temperatuurverschil ­tussen binnen en buiten en verdwijnt er ­almaar minder warmte naar buiten’, legt Koen Vanthournout uit. ‘’s Ochtends moet de verwarming dan wel kortstondig hard draaien om de ruimte binnen weer naar een aangename temperatuur te brengen, maar daarvoor is er minder energie nodig dan wanneer je de temperatuur de hele nacht hoog houdt.’

Over het algemeen, zegt Stijn Verbeke, is het zinvol om de verwarming af te ­zetten in kamers waar urenlang niemand komt. ‘Moet bijvoorbeeld de badkamer de hele dag lekker warm zijn of volstaat het als de verwarming er één uur ’s ochtends en één uur ’s avonds open staat? Hetzelfde met de slaap­kamers. Hou ze overdag koel en hou de deuren dicht van de niet-verwarmde kamers. Anders verwarm je die kamers toch via de leefruimte mee.’

Opgelet: de temperatuur zakt binnenshuis beter niet onder 14 tot 15 graden, want dan zet het vocht uit de lucht zich af op meubels en muren en dreigt schimmelvorming. Nog een kanttekening: een vloerverwarming heeft veel tijd nodig om kamers op te warmen. Met een vloerverwarming is het dus niet zo makkelijk als met radiatoren om een afgekoelde leefruimte snel weer op te warmen.

 

Hoeveel levert één graadje minder in de woonkamer op?

Wat het effectief opbrengt om de thermostaat in de keuken en de woonkamer te ­verlagen, hangt sterk af van hoeveel energie er nodig is om die ruimtes warm te houden. ‘In een goed geïsoleerde woning is het veel makkelijker om de temperatuur hoog te houden’, zegt Energyville-onderzoeker Stijn Verbeke. ‘In slecht geïsoleerde woningen gaat meer energie verloren en moet er meer bijgestookt worden. De ver­laging van de thermostaat heeft dus het meeste effect in slecht geïsoleerde woningen.’

Hetzelfde geldt voor het geveloppervlak: hoe groter, hoe meer contact met de buitenlucht, en dus hoe meer warmteverlies via de gevel en hoe groter de kosten om te verwarmen. Ter illustratie: in een zeer goed geïsoleerd rijhuis levert één graadje minder gemiddeld 109 euro per jaar op, in een slecht geïsoleerd is dat 591 euro. Bij een villa is dat respectievelijk 644 (goed geïsoleerd) en 1.109 euro (slecht geïsoleerd).

De thermostaat met één graad ver­lagen levert overigens een grotere besparing op als de begintemperatuur hoog is (21 of 22 graden) dan wanneer de thermostaat al wat lager staat (19 of 18 graden) en een verdere verlaging op tafel ligt. Bij de lagere temperaturen is veel vet al van de soep. ‘Als de temperatuur in de leefruimte al lager is, gaat er ook ­minder verloren aan de gang of andere niet-verwarmde kamers’, legt Verbeke uit. ‘De thermostaat dan verder verlagen is nog wel een besparing, maar die is per graad kleiner dan wanneer je op een ­hogere temperatuur begint.’

Van de onderzochte opties is met de huidige prijzen een warmtepomp het goedkoopst om de woning te verwarmen, elektrische verwarming met accumulatoren het duurst. Een stookolie- en moderne gasketel zitten daar tussenin.

Welke energie­besparingen brengen voor ú veel op? Bereken het in onze energiebesparings­tool

 

U doucht graag uitbundig? Leve de spaardouchekop

Het zijn trends die elkaar tegenwerken, merkt onderzoeker Verbeke op: woningen zijn almaar beter geïsoleerd en tegelijkertijd kiezen almaar meer gezinnen die het kunnen betalen een regendouche of een douche met rugsproeier. Die werken energieverspilling in de hand. Want voor een douchebeurt met een regendouche moet er flink meer water opgewarmd worden.

In cijfers: een regendouche verbruikt 20 liter warm water per minuut, terwijl door een normale douchekop 11 liter per minuut stroomt. Door een spaardouchekop is dat slechts 6 liter per minuut.

De overschakeling naar een spaardouchekop – de goedkoopste modellen kosten minder dan 20 euro – loont. Een voorbeeld: voor een koppel met wekelijks tien douchebeurten van telkens 8 minuten ­levert de overstap van regendouche naar spaardouchekop een besparing van 560 euro per jaar op.

Maar ook de overschakeling van een normale douchekop naar een spaarkop is een investering die zichzelf snel terug­betaalt: daarmee spaart datzelfde koppel 200 euro uit. Als die twee personen ook nog eens minder lang gaan douchen, ­bijvoorbeeld 5 minuten in plaats van 8 minuten, verbruiken ze jaarlijks 30.160 liter minder warm water, wat met de huidige gasprijzen (en met een moderne gascondensatieketel) een totale besparing betekent van ruim 293 euro.

Ook hier maakt de energiebron een groot verschil: wie zijn water met een elektrische boiler verwarmt, betaalt met de huidige energieprijzen vier keer meer dan wie water verwarmt met een stookolieketel, momenteel de goedkoopste energiebron.

Niet te missen

LEES OOK

De podcasts van De Standaard

Niet te missen