Waarom gemeentebesturen niet staan te springen voor asielopvang
Foto: belga

De beslissing van de federale overheid om extra opvangcapaciteit te voorzien in Jabbeke, schoot bij de burgemeester in het verkeerde keelgat. Ook bij andere gemeenten waar opvangplekken nodig waren, liep het soms mis. Hoe komt dat?

‘Op 1 februari werd ik uitgenodigd op het kabinet van Sammy Mahdi (CD&V). Men wilde een terugkeercentrum in Jabbeke creëren, daarmee was het voldoende voor Jabbeke’, zei burgemeester Frank Casteleyn (CD&V) donderdagochtend op Radio 1. Hij is er niet over te spreken dat die afspraak niet wordt nageleefd nu er in zijn gemeente extra opvangcapaciteit voorzien wordt. Dat doet de federale overheid omdat ze de toestroom van nieuwe asielzoekers niet kan slikken.

De vraag is waarom de overheid niet eerst een draagvlak creëert bij de burgemeester alvorens nieuwe opvangplekken te voorzien in een gemeente. Dat draagvlak is sowieso al heel broos, zegt Mieke Candaele, directeur communicatie bij Fedasil. Hoewel Fedasil niet verantwoordelijk is voor de noodopvang in Jabbeke, merkt ze op dat het de voorbije jaren steeds moeilijker is geworden om tot een consensus te komen bij burgemeesters om meer opvangplekken te creëren.

Nicole De Moor: ‘We gaan dit niet oplossen met een paar hotelkamers’

Zo’n beslissing wordt normaal altijd gemaakt in de schoot van een ministerraad. ‘Als een knoop wordt doorgehakt, wordt de betrokken burgemeester meteen geïnformeerd door de voogdijminister. De jongste jaren gebeurt dat zo vroeg mogelijk in het hele proces’, zegt Candaele. ‘Daarna zet Fedasil alles in gang om contact op te nemen met de gemeente om zo snel mogelijk te overleggen en met alle betrokken partijen afspraken te maken.’

De eeuwige verzuchting van burgemeesters is om bij het besluitvormingsproces van meet af aan betrokken te worden. ‘Als burgemeesters het laatste woord zouden hebben, zouden er vandaag niet veel opvangcentra bijkomen’, stelt de Fedasil-directeur. ‘Het draagvlak is vandaag niet groot. Maar wij hebben nu eenmaal een wettelijke opdracht die we zo goed mogelijk uitvoeren. We streven ernaar om dat altijd in een zo constructief mogelijke omgeving te doen. We proberen bijvoorbeeld om op zeer korte termijn overleg te plannen met de burgemeester en de korpschef van de politie.’

Transparantie

Volgens voormalige Fedasil-baas Bob Pleysier is samenwerking en transparante communicatie de beste manier om draagvlak te creëren. ‘Het is altijd beter dat je als overheid of Fedasil vanaf het begin zo correct en transparant mogelijk werkt met de burgemeester’, zegt Pleysier. ‘Het gebeurt tegenwoordig steeds meer dat de regering eerst gaat aftoetsen of er extra opvangplaatsen kunnen komen in een gemeente, maar vaak is dat niet altijd mogelijk.’

Dat gebeurde ook in Jabbeke. Daar besliste de regering in een kern dat er nieuwe opvangcapaciteit moest gecreëerd worden omdat Fedasil de operationele capaciteit niet heeft om op korte termijn nieuwe opvangplaatsen te openen.

Volgens Candaele is het niet ongewoon dat een burgemeester zich verzet tegen de komst van een nieuw asielcentrum. Alleen als er juridische stappen worden gezet, kan het zijn dat een opvangcentrum er niet komt. ‘Maar eens er een politieke beslissing werd genomen en wij worden belast met de uitvoering daarvan, dan zullen wij ook alles doen om onze opdracht tot een goed einde te brengen. In die fase kan dat proces vertraagd of stopgezet worden als de gemeente bepaalde juridische stappen onderneemt.’

Geen negatieve houding

Het is belangrijk om een confrontatie tussen overheid en gemeente te voorkomen. Zo besliste voormalig staatssecretaris voor Asiel en Migratie Sammy Mahdi om alle betrokken partijen zo vroeg mogelijk in het proces te betrekken. ‘De voorbije jaren werden de burgemeesters al gecontacteerd door Sammy Mahdi in dit geval, en ik ga ervan uit dat Nicole De Moor die lijn zal verderzetten’, zegt Candaele. ‘Als een burgemeester een negatieve houding aanneemt, dan is dat vervelend, maar we kunnen ons jammer genoeg niet veroorloven om een site die geschikt werd bevonden zomaar te laten vallen.’

Toch valt er bij andere burgemeesters waar een opvangcentrum werd geïnstalleerd wel een positief geluid te horen. ‘We hebben al heel veel geleerd uit de opvang van asielzoekers in onze gemeente’, zegt Steve Vandenberghe (Vooruit), burgemeester van Bredene. ‘Het is onze taak om ervoor te zorgen dat we onze burgers zo goed mogelijk op de hoogte houden.’ Er moet eerst een vertrouwensband bestaan tussen de overheid en de gemeente alvorens er sprake kan zijn van nieuwe opvangplaatsen.

‘Tot nu toe is het nog nooit misgelopen met Fedasil of met onze inwoners’, weet Vandenberghe. ‘De burgemeester speelt een belangrijke rol in de ontvangst van nieuwe asielzoekers. Als ik daar negatief op reageer, dan gaat iedereen mee in dat verhaal. Bovendien moet je er ook voor zorgen dat het sociaal weefsel niet wordt aangetast. Daarom zetten we ons maximaal in om de Bredenaars op de hoogte te houden van wat er allemaal gebeurt rond het asielcentrum.’

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in