Het parcours van de Tour de France 2023: start in het Baskenland, over de (vele) bergen tot in Parijs
Tour-baas Christian Prudhomme bij de voorstelling van het parcours.  Foto: reuters

De start in Bilbao, het einde in Parijs en tussendoor passeert de 110e Tour de France over alle bergketens van Frankrijk. Bekijk hier alle details over de verschillende ritten.

Zaterdag 1 juli: rit 1: Bilbao – Bilbao (185 km)

Bilbao is dit jaar de plek van afspraak voor le Grand Départ. De eerste rit is zo’n 185 km lang en loopt langs de Golf van Biskaje.

Zondag 2 juli: rit 2: Vitoria-Gasteiz – San Sebastian (210 km)

De tweede etappe is zo’n 210 km lang en vijf beklimmingen rijk, met als afsluiter de Jaizkibel (6,9 km aan 6,2%), de meeste gekende hindernis van de Clasica San Sebastian. Kort na de afdaling ligt de finish.

Maandag 3 juli: rit 3: Amorebieta-Etxano – Bayonne (185 km)

De derde etappe in het Spaanse drieluik waarmee de Tour opent, start in Amorebieta. Die rit brengt het peloton Frankrijk binnen en is voer voor sprinters met een aankomst in Bayonne.

Dinsdag 4 juli: rit 4: Dax – Nogaro (187 km)

Een sprinterskans met aankomst op het autocircuit van Nogaro.

Woensdag 5 juli: rit 5: Pau – Laruns (165 km)

Daar zijn de Pyreneeën. De doortocht in de Pyreneeën duurt slechts twee dagen. De etappe van Pau naar Laruns is met de Col de Soudet en de Marie-Blanque een opwarmer.

Donderdag 6 juli: rit 6: Tarbes – Cauterets-Cambasque (145 km)

In de etappe van Tarbes naar Cauterets gaan we over de Aspin en de Tourmalet om omhoog te finishen dicht tegen de grens met Spanje aan. Als het ‘spel’ al op de Tourmalet begint, kan deze Tour uitgroeien tot een nieuw meeslepend verhaal van drie weken lang.

Vrijdag 7 juli: rit 7: Mont-de-Marsan – Bordeaux (170 km)

Een nieuwe kans voor de sprinters.

Zaterdag 8 juli: rit 8: Libourne – Limoges (201 km)

De langste etappe van deze Tour de France. Het zou een sprint kunnen zijn, maar ook een zit voor alleskunners à la Wout van Aert en Michael Matthews.

Zondag 9 juli: rit 9: Saint-Léonard-de-Noblat – Puy-de-Dôme (184 km)

Eerste aankomst bergop en meteen naar de mythische Puy-de-Dôme. Met de beklimming van Le-Puy-de-Dôme, terug van weggeweest na 35 jaar, krijgen we de tweede Tourzondag potentieel een moment van hoogspanning.

Maandag 10 juli: rustdag in Clermont-Ferrand

Rustdag.

Dinsdag 11 juli: rit 10: Vulcania – Issoire (167 km)

Deze rit is ook weer op het lijf geschreven van een type als Van Aert. Ook de sprinters hopen hier een kans te krijgen.

Woensdag 12 juli: rit 11: Clermont-Ferrand – Moulins (180 km)

Een nieuwe kans voor de sprinters.

Donderdag 13 juli: rit 12: Roanne – Belleville-en-Beaujolais (169 km)

Een geaccidenteerde rit. Als hier om de zege gesprint wordt, zullen het slechts de betere klimmers zijn onder de snelle mannen die daar nog meespelen.

Vrijdag 14 juli: rit 13: Châtillon-sur-Chalaronne – Grand Colombier (138 km)

De Franse nationale feestdag vraagt om een toprit. De Tour trekt door de Jura met aankomst op de Grand Colombier, dat vraagt om spektakel. Korte rit ook, gevaarlijk voor de sprinters die moeten vechten tegen de tijdslimiet.

Zaterdag 15 juli: rit 14: Annemasse – Morzine Les Portes du Soleil (152 km)

Een dag later zitten we in de Alpen. Officieel geen aankomst bergop, maar met de Joux Plane vlak voor het einde kan je dit toch zien als een soort aankomst bergop.

Zondag 16 juli: rit 15: Les Gets Les Portes du Soleil – Saint-Gervais Mont-Blanc (180 km)

Het slotakkoord in de Alpen.

Maandag 17 juli: rustdag in Saint-Gervais Mont-Blanc

Rustdag.

Dinsdag 18 juli: rit 16: Passy – Combloux (klimtijdrit, 22 km)

De enige tijdrit in deze Tour. Slechts 22 kilometer en dan nog een klimtijdrit. Een die over onder andere de steile Côte de Domancy trekt die in 1980 de scherprechter was van het door Bernard Hinault gewonnen WK in Sallanches.

Woensdag 19 juli: rit 17: Saint-Gervais Mont-Blanc – Courchevel (166 km)

Officieel geen aankomst bergop, maar dat is een rekbaar gegeven. Na de Col de la Loze (2304 meter, het dak van deze Tour) gaat het ook bergaf, maar de laatste kilometer stijgt het heftig naar Courchevel-Altiport. Het is maar hoe je het bekijkt.

Donderdag 20 juli: rit 18: Moûtiers – Bourg-en-Bresse (186 km)

Na de bergen is het weer twee dagen na elkaar de beurt aan de sprinters.

Vrijdag 21 juli: rit 19: Moirans-en-Montagne – Poligny (173 km)

Dag twee op een rij waar de sprinters willen scoren.

Zaterdag 22 juli: rit 20: Belfort – Le Markstein Fellering (133 km)

Net als in 2019 eindigt de Tour met een bergrit, dit keer in de Vogezen. Toen waren de laatste twee bergetappes (Tignes, Val Thorens) onthoofd door het rotweer. De organisator hoopt dat er de laatste zaterdag van juli in de venijnige Vogezen-cols van de Elzas nog spankracht om de eindzege is.

Zondag 23 juli: rit 21: Saint-Quentin-en-Yvelines – Parijs Champs-Elysées (115 km)

Het klassieke slotcriterium in Parijs met vertrek in Saint-Quentin-en-Yvelines, waar Lotte Kopecky recent haar twee titels in het baanwielrennen behaalde.

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in