Little Simz is een grote dame
  Foto:  Joke Hendrix

‘Sometimes I might be introvert’ heet het fel bejubelde vierde album van Little Simz. Zaterdag was niet zo’n avond. De Britse rapper leek erop gebrand om de Dance Hall te overdonderen, getuige de orkestrale intro waarmee ze het podium beklom.

Die tent was daar dan weer niet op voorbereid: ze was slechts voor de helft volgelopen. De aanwezigen kregen wel een snelcursus in de condition humaine. ‘I study humans, that makes me an anthropologist’, rapte Simbiatu Ajikawo (28) in ‘Introvert’: ze nam ons onder meer mee op onderzoeksmissie naar de Noord-Londense buurt waarin ze opgroeide (‘101 FM’), de muziekindustrie (‘I love you, I hate you’) en de kracht van vrouwen in alle tinten zwart (‘Woman’).

Daarvoor had Simz steun opgetrommeld van twee gitaristen, een drummer en een laptoptovenaar. In april had ze nog een Amerikaanse tournee van een maand geannuleerd omdat het financieel niet haalbaar was om te touren met de band die zij wou, en in de Dance Hall zagen we wat dat betekende: de accenten lagen net dat tikje juister. Een heerlijk ‘Offence’, van haar vorige album Grey area, bruiste van het zelfvertrouwen dankzij een zoemende bassynth. ‘Protect my energy’ klonk glijerig en dansbaar als Prince. En in ‘Point and kill’ drumde Simz de geweerschoten zelf mee.

Veel zat juist aan deze show: de lichtshow was piekfijn, de hypeman kende zijn plaats. Maar het was de rapper zelf die de show stal. In ‘Venom’ blikkerden haar woorden van woede, in ‘Selfish’ wist ze dan weer de nodige tederheid te leggen. En in ‘Boss’ liet ze haar raps over de beat stuiteren als knikkers van een trap: met een onnavolgbare ritmiek. ‘You can’t stop me, oh, you can’t stop me’ zong ze in ‘Point and kill’. Ze had gelijk: met die jam hadden we gerust de nacht willen in gaan.

Little Simz, gezien op Pukkelpop op 20/08

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in