camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

recensie documentaire

Boze mannen schopten Woodstock 99 tot gruis

Een nieuwe documentaire op Netflix wil aantonen hoe de erfenis van het Woodstock­festival van 1969 dertig jaar later in rook opging. De reden? Hebzucht nam het over van naïviteit.

vrijdag 5 augustus 2022 om 3.25 uur

De docu focust op nu-metalbands die de rol spelen van opruiers van een publiek dat gewoon drie dagen lekker los wilde gaan.  netflix

Trainwreck: Woodstock 99

Nu te zien in drie delen op Netflix

Fred Durst gaf het concert van zijn leven. Zijn band Limp Bizkit had op zijn nieuwe album de song ‘Break stuff’ staan en Durst vond het gezellig om het publiek van Woodstock ’99 aan te manen daar meteen werk van te maken. Wat een aantal van hen ook deed. Opgezweept? ‘Daar kan ik niets aan doen’, vond Durst achteraf. Vermits hij zo’n enorm publiek niet in de hand kon houden, was zijn enige optie hen ‘een zo goed mogelijke show’ te geven.

Het is een sleutelscène in de driedelige documentaire Trainwreck: Woodstock 99, waarmee Netflix de vorig jaar verschenen HBO-documentaire Woodstock 99: peace, love, and rage van antwoord dient. Beide films kijken naar de gebeurtenissen met een eigentijdse bril, en tonen dus hoe Amerika verandert, maar deze nieuwe film gaat verder. Hij ­focust op een aantal witte, masculiene nu-metalbands die hier de rol spelen van onverantwoordelijke opruiers van een publiek dat eigenlijk gewoon drie dagen lekker los wilde gaan. Met als voornaamste slachtoffers de vele vrouwen, die zich ook vrij wilden ­voelen zonder fysiek lastig gevallen te worden. Kortom, zegt de documentaire: Woodstock ’99 plaveide onbedoeld mee de weg voor #MeToo en voor de woke-cultuur.

DS VIDEO - Trailer: ‘Woodstock 99’. De Standaard

Peace-gewauwel

De documentaire volgt in chronologische volgorde het verloop van het festival dat plaatsvond in ­Rome, in de staat New York, tussen 22 en 26 juli 1999. Michael Lang, de man die in 1969 het ­eerste Woodstockfestival bezielde, legt uit hoe hij een nieuwe ­generatie wilde laten proeven van de kracht van echte ‘tegen­cultuur’. Hij bedoelde het goed: Amerika had een paar maanden eerder de rekening ­gekregen voor zijn geweldcultuur met het bloedbad in Columbine High School, en kon wel wat ­vredevolle vibes gebruiken.

Maar al snel volgt de correctie. Anno 1999 zet je een festival voor een paar honderdduizend mensen niet op vanuit de naïeve visie van 1969. John Scher, van Metropolitan Entertainment, komt ­vertellen dat er behalve het peace-gewauwel nog iets van belang was: er moest geld verdiend ­worden.

Zweepte Fred Durst van Limp Bizkit het publiek op? Hijzelf beweert van niet.  netflix

Daarmee is de rode draad duidelijk. Het festival gebruikte de rooskleurig verfilmde mythe van een hippiefestival om poen te scheppen. Die contradictie leidde tot glorieuze misrekeningen, zoals bij de keuze van de security: dat mocht van Lang geen politie zijn (hippies hielden niet van ‘pigs’), waardoor onervaren en ronduit opportunistische amateurs, onder de naam ‘Peace ­Patrol’, de massa bewaakten.

Nog erger was de beslissing om de voedsel- en drankbedeling én de sanitaire voorzieningen uit te besteden aan bedrijven die wel de prijzen controleerden, maar zelf niet gecontroleerd werden op efficiëntie. Onder de bloedhete zon was drinken belangrijk, maar het ‘gratis’ water kleurde bruin omdat het besmet was door de overstromende toiletten. Een ­flesje water kostte 4 euro en op het einde zelfs 10 euro. Je zou voor minder boos worden.

Uitbundige naaktlopers

Het is aangrijpend hoe de docu de geleidelijke ommezwaai weergeeft van een al bij al gemoedelijk festival, met wat veel uitbundige naaktlopers en wiet­rokers, naar een grimmige confrontatie tussen een cynische ­organisatie en woedende bezoekers.

Ten dele is het een Amerikaanse situatie. Festivals zijn er meer dan hier een uitlaatklep waar ­tijdelijk alles mag. Of zoals een deelneemster het uitdrukt: ‘Ik wilde zo hard mogelijk naar de kloten gaan.’ Talloze meisjes ontblootten vrijwillig hun borsten, in de ravehangar werd publiekelijk geneukt, jonge mannen sloopten afsluitingen en zelfs een complete geluidstoren. Hoe de razernij de massa in zijn greep kreeg, doet een bezoeker verwijzen naar William Goldings dystopische roman Lord of the flies, maar doet ons vandaag vooral denken aan de ­recente aanval op het Capitool in Washington, zoals te zien in de docu Four hours at the Capitol.

Hoe groot waren de ecologische kosten van een festival dat een gigantische afvalberg achterliet? netflix

Anderzijds is de toenemende chaos het gevolg van een organisatie die bezoekers lokt met de belofte aan een mythe, hen vervolgens samendrijft op het tarmac van een oude militaire basis zonder enige vorm van schaduw, en dan absurde prijzen vraagt en elementaire voorzieningen als drinkwater, sanitair en veiligheid aan zijn laars lapt. Het is geen ‘teenage angst’, maar veeleer winstbejag dat het festival deed ontsporen. Het cynische credo in Nirvana’s slagzin ‘Here we are now, entertain us’ zindert onderhuids mee met de rauwe, bijna apocalyptische beelden.

Geen harde feiten

Trainwreck: Woodstock 99 is impressionistisch. De documentaire plakt archiefbeelden en nieuwe interviews aan elkaar, steunt op herinneringen, meningen en vermoedens, maar gaat nooit echt op zoek naar harde feiten. Wie heeft bijvoorbeeld hoeveel verdiend aan deze zwendel? Wat is er ­geworden van de vijf aanklachten voor verkrachting en hoeveel (groeps)aanrandingen werden verder nog gemeld? Hoe groot ­waren de ecologische kosten van een festival dat een gigantische afvalberg achterliet?

In de VS zijn festivals nog meer dan hier een uitlaatklep. netflix

Beter vergaat het de ambitie om het festival te duiden in de tijdgeest. Wat we vandaag aanduiden als ‘toxische mannelijkheid’, was in volle opgang, niet alleen in sommige metalbands, maar ook in films als Fight club en American pie. Er komen bedroevend veel losgeslagen mannen in beeld. En mensen konden elkaar niet waarschuwen omdat er amper gsm’s waren, en konden evenmin hun woede kwijt op sociale media.

Op het einde van de laatste dag speelden de Red Hot Chili Peppers een set, waarbij de organisatoren duizenden brandende kaarsen uitdeelden als vredevolle ­hippie-actie tegen de wapen­opbouw in de VS. Ze hebben het geweten: een paar uur later laaiden over het hele terrein brandhaarden hoog op en knuppelde de politie zich binnen.

Hoe Scher en Lang zich eruit kletsen, is aanstootgevend. Dan tonen Norman Cook (Fatboy Slim) en Jonathan Davis (Korn) tenminste nog de bereidheid om hun euforie over het gemeenschapsgevoel te plaatsen tegenover hun ontzetting over de ontsporing – Cook moest letterlijk vluchten. Lang is intussen overleden, maar geeft op het einde toe dat de parabel van Woodstock misschien averij opgelopen heeft. Hij had het beter duidelijk toegegeven, en dat hoofdstuk voorgoed afgesloten.

Was Woodstock ‘69 dan zoveel ­vredevoller?

Ooit was het een kunstenaarsdorpje, daarna werd het een festival, vandaag is het een merk. Wat we ‘Woodstock’ noemen, is geen historische gebeurtenis meer, maar een ervaring, een ritueel.

Zowat 400.000 mensen hoopten daar in het Amerikaanse stadje Rome deel van uit te maken. De achterliggende geschiedenis hadden ze wellicht vooral ervaren via een film die de realiteit van dertig jaar eerder verbloemd had. Die film liet ‘beautiful people’ zien die samen waren, muziek en elkaar beminden, een joint opstaken en, ach ja, soms hun kleren uitgooiden of een vuurtje stookten.

In realiteit was het Woodstockfestival in 1969 een slecht georganiseerd festival met eindeloze files, waar de toiletten overliepen, mensen in de modder dansten, drie doden vielen, velen een ­bad trip hadden, gevochten werd, de medische voorzieningen ontoereikend waren en vandalen een aantal ­voedselkraampjes sloopten of platbrandden.

De vraag is of je beide ontsporingen kan vergelijken. In 1969 waren veel festivals slecht georganiseerd, omdat het concept nog nieuw was. Regels en orde werden vervangen door een gezamenlijk geloof in hippiewaarden, zoals de idee dat ­alles gratis moet zijn. Ook seks. Jonge vrouwen konden door de pil enerzijds vrijer rotzooien, anderzijds was het voor hen moeilijk om dan nog ‘nee’ te zeggen. Het was niet duidelijk waar de grens lag tussen gewenst en ongewenst seksueel gedrag. ­Waarschijnlijk waren er meer aanrandingen dan die ene ­gemelde verkrachting.

Tegen 1999 was duidelijk hoe je een groot festival organiseert, en wat een ‘nee’ is, maar zo te zien lag de sek­suele intimidatie van vrouwen in Rome veel hoger dan in 1969, en ook hoger dan de vijf ­gemelde verkrachtingen. Dat maakt Trainwreck: Woodstock 99 grimmig. Het is een donkere documentaire die laat zien hoe licht ontvlam­bare mannen er groot plezier in schiepen om te ontsporen, terwijl ze intussen ‘Woodstock Woodstock’ zongen. Een ritueel, ja, maar zonder inhoud of betekenis. (vpb)

Niet te missen

LEES OOK

De podcasts van De Standaard

Niet te missen