Als je boontjes hard bakt, krijgen ze een ander karakter, dat goed werkt in oosters getinte, kruidige gerechten. Deze combinatie met pinda’s, gemarineerde tofoe en rijst is een (vegan) feestmaal om u tegen te zeggen.

Voor 4 personen:

Voor de sticky tofoe:

• 500 g stevige tofoe

• 6 el maizena

• zout

• 4 el sojasaus

• 4 el esdoornsiroop

• 4 el rijstazijn (te koop in de biowinkel)

• 2 el ketchup

• 5 cm gember, geschild en geraspt

• 4 kleine tenen knoflook, geraspt

• 3 el sesamzaad, geroosterd in een droge pan tot het bruin kleurt

Voor de boontjes:

• 600 g groene boontjes (prinsessenboontjes, peultjes, snijbonen of een mix: snijd ze zo dat ze allemaal even groot zijn)

• ½ bussel munt, de blaadjes van de steeltjes getrokken

• 3 el pinda’s (als je gezouten pinda’s gebruikt, hoef je geen extra zout meer toe te voegen)

• Neutrale olie om in te bakken

• Zout

• 1 el geroosterde sesamolie

Voor de limoenpekel:

• 1 sjalot

• 1,5 onbespoten limoen

• ½ tl korianderzaad, grof gevijzeld

• 2 el rijstazijn

• Zout

Voor de rijst:

• 300 g rijst

Bereiding

1. Begin met de limoenpekel. Plet het korianderzaad grof in de vijzel. Snijd een halve limoen in fijne blokjes (met de schil) en doe hetzelfde met de sjalot. Meng in een kommetje met het sap van de andere limoen, de rijstazijn, het korianderzaad en een snuf zout. Laat minstens 30 minuten pekelen (langer mag ook). Roer wanneer je eraan denkt een keertje om.

2. Maak nu de salade door de boontjes te bakken in een grote pan (eventueel in verschillende ladingen: de boontjes moeten allemaal de bodem van de pan raken). Verhit wat olie in de pan, voeg de boontjes toe en bak tot ze bruine vlekjes krijgen en beetgaar zijn. Kruid met zout. Schep ze op een bord. Hak de pinda’s fijn en trek de blaadjes munt in stukken. Zet alles klaar om de salade straks samen te stellen.

3. Meng de sojasaus met de esdoornsiroop, rijstazijn, ketchup, geraspte gember en knoflook in een kommetje. Roer goed door en zet aan de kant. Kook intussen de rijst gaar.

4. Dep de tofoe droog met een propere keukenhanddoek. Trek de tofoe in ongelijke stukken. Doe in een diepe kom de maizena met een snuf zout. Dep de stukken tofoe nog eens droog met een keukenhanddoek en wentel ze in de maizena zodat ze overal bedekt zijn. Verhit intussen een pan met een centimeter neutrale olie. Bak, zodra de olie heet is, de stukken tofoe tot ze bruin en krokant zijn. Doe dit door de stukken niet te snel om te draaien: wacht telkens tot ze krokant zijn gebakken en draai ze dan met een tang om. Herhaal dit tot ze aan alle kanten gebakken zijn. Als er nog veel vetstof in de pan zit, kun je die nu afgieten (of met een lepel uit de pan scheppen): zo komt ze niet in de saus terecht. Voeg nu je sojasausmengsel toe aan de pan. Laat de saus inkoken, terwijl je de blokjes tofoe omroert zodat ze aan alle kanten bedekt zijn met de saus. Voeg als de saus bijna volledig is ingedikt de sesamzaadjes toe en roer goed.

5. Werk nu de salade af door de boontjes te mengen met de munt en pinda’s, en te overgieten met de limoenpekel. Werk af met een lepel sesamolie. Serveer samen met de sticky tofoe en rijst.

Tips:

- Door de tofoe in stukken te trekken, krijg je een grillige vorm waar de maizena en later de saus goed aan blijven plakken. Dat werkt voor dit gerecht beter dan er gladde blokjes van te snijden.

- Heb je geen rijstazijn in huis, dan kun je die in de twee bereidingen vervangen door een iets scherpere wittewijnazijn.

Een recept van Barbara Serulus, foto: Eefje De Coninck & Senne Van der Ven

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in