Zeven doden, onder wie vier kinderen, bij Russische aanvallen in Syrië
Na de Russische luchtaanvallen ligt de stad Jisr al-Shughur in de provincie Idlib in puin.  Foto:  afp

Na maanden van relatieve rust in Noordwest-Syrië zijn minstens zeven mensen overleden ten gevolge van Russische luchtaanvallen. Dat meldt het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten op vrijdag.

Het platteland van het district Idlib werd aangevallen door vliegtuigen die door grondspotters als Russisch werden geïdentificeerd. Volgens het observatorium zijn ‘zeven mensen, onder wie vier kinderen, twee mannen en een persoon die nog niet geïdentificeerd is’ overleden door de Russische bombardementen. De vier kinderen, allemaal jonger dan tien jaar, waren broers en zussen. Er zouden ook nog andere mensen vastzitten onder het puin.

De reddingsgroep White Helmets bevestigde deze cijfers en meldde dat nog zo’n twaalf mensen, waaronder acht kinderen, gewond zijn geraakt bij de aanvallen.

Rusland voert al sinds 2015 militaire interventies uit in Syrië om het regime van zijn bondgenoot, de Syrische president Bashar al-Assad, te steunen en hem te helpen om grondgebied terug te winnen. Sinds de start van het Syrisch conflict in 2011 zijn ongeveer een half miljoen mensen overleden, is de infrastructuur van het land vernield en begon de grootste volksverhuizing sinds de Tweede Wereldoorlog.

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in