camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

Tour

De jaren 70 zijn terug: Lampaert zet verrassend ook Van Aert een neus


Vanuit Kopenhagen

zaterdag 2 juli 2022 om 3.25 uur

‘Wa hè’k gedoan, wa hè’k gedoan’, vroeg een huilende Yves Lampaert toen hij besefte dat hij de hele wereldtop had geklopt en geel had gegrepen in Kopenhagen. Dankzij een knalprestatie en een beetje geluk: het mocht ook een keer.

Met een mini-Parijs-Roubaix in rit 5 zou Yves Lampaert de Ronde van Frankrijk nog eens langer dan enkele dagen kunnen kleuren. belga

Eric Vanderaerdens proloogzege als neoprof in 1983 hing nog wat in het collectieve geheugen. In 1972 was er zelfs een Belgische dubbelslag op dag één: Eddy Merckx voor zijn meesterknecht Roger Swerts. De prehistorie stilaan, en niemand die daarvan een herhaling had verwacht. Zeker niet met Yves Lampaert op het hoogste schavotje.

De West-Vlaming is een uitstekend tijdrijder en 13 kilometer is wel zo’n beetje zijn afstand, maar toch: ook hijzelf gaf grif toe dat hij op een top-10-plaats hoopte.

Lampaerts ongeloof zorgde voor pakkende beelden. Met een uit de klei getrokken Engels accent legde hij uit dat hij ook maar a farmer’s son was. Ook dat bracht herinneringen terug aan de jaren zeventig, lang voor de mediatraining. Maar wie zou de spontane West-Vlaming de mooiste overwinning uit zijn carrière misgunnen? Lampaert is al zo vaak het beste paard geweest dat de haver niet kreeg – door materiaalpech, ongelukkige koersomstandigheden of het nuchtere feit dat hij geen snelle sprint in de benen heeft. Als er één Belgische renner is die met iets meer meeval al een veel mooiere erelijst had kunnen hebben, dan hij wel. Misschien wilde het lot gisteren iets goed maken.

‘Chapeau’ Wout van Aert,   zijn ontgoocheling verbijtend terwijl Lampaert over de meet rijdt

Lampaert rééd een dijk van een tijdrit in Kopenhagen, krachtig en technisch perfect. Hij fietste de toptijd van Wout van Aert niet eens zo nipt van de tabellen. Hij zou ook met perfect gelijke omstandigheden zeer dicht zijn geëindigd, misschien gewonnen hebben. Zeker zullen we dat nooit weten.

Het weer maakte van de race door een mensenzee – Denen zijn niet bang van een stevige bui – een vreemde en zenuwslopende, maar ondanks de verrassende winnaar ook ontgoochelende zaak.

De slimmeriken gefopt

De meteorologische diensten waarschuwden al enkele dagen dat het prachtige weer in Kopenhagen vrijdag in de late namiddag zou omslaan. Alle ploegen met ambities zetten hun sterkste renners daarom in het begin van de startorde. Bij een openingstijdrit kan dat, omdat er nog geen klassement is dat in omgekeerde volgorde wordt afgelopen.

Wout van Aert werd tweede. ap

Maar de slimmeriken werden gefopt. Het begon vroeger dan voorspeld te regenen, en wat dat betekende werd snel duidelijk toen tijdritspecialist en kanshebber Stefan Bissegger niet één, maar twee keer tegen het gladde asfalt ging.

De eveneens erg vroeg gestarte Mathieu van der Poel zette de scherpste tijd neer en mocht lang in de hot seat zitten. Toen het favorietenduo Filippo Ganna en Wout van Aert van start ging, regende het werkelijk pijpenstelen.

Toch doken ze beiden onder de tijd van Van der Poel, met Van Aert de betere van Ganna. Veertien lastige bochten op een regenachtig parcours waren een voordeel voor de cyclocrosser tegen de Italiaanse hardrijder; het compenseerde diens voordeel dat de 13 kilometer biljartvlak waren. Ganna kloppen moet Van Aert in zijn hart bijna zegezeker gemaakt hebben, al strandde een nu al verbluffende Tadej Pogacar op slechts twee seconden van hem.

Toen begon het geleidelijk iets minder te gieten. Nog steeds diepe plassen, maar niet meer die striemende regen. Een licht voordeel ongetwijfeld, maar onmogelijk in seconden te berekenen.

Een eerste teken aan de wand dat de race nog niet beslist was kwam van de Fransman Christophe Laporte, ploegmaat van Van Aert. Die leek even op weg naar een stunt, maar gleed dan onderuit: dat kun je pech noemen, maar koersen op gladde wegen betekent ook inschatten hoe hard je kunt gaan zonder onderuit te gaan.

De waarschuwing maakte het echter toch iets minder verrassend dat een ontketende Lampaert nog 5 seconden van Van Aerts tijd afdeed.

De ontgoocheling droop van Van Aerts gezicht af, maar hij reageerde meteen zeer sportief met een spontaan ‘chapeau’ en weigerde achteraf ook de licht veranderend weersomstandigheden als excuus in te roepen.

En zo hoort het ook, want andere renners die in de buurt van Lampaert van start gingen, stroomden niet massaal de top van het klassement binnen.

De schrik dat de regen nog echt de wedstrijd zou komen vervalsen nam wel toe toen het weer in het tweede uur helemaal opklaarde, en de wegen begonnen op te drogen. Renners konden nu minder met dichtgeknepen billen rijden, wat de schrik voor en nog veel grotere verrassing dan Lampaert er wel inhield. Als kijkstuk was het wel een beetje een anticlimax, dat afwachten van de einduitslag door totale outsiders af te vinken. Het zou niet verbazen als de Tourdirectie voor de toekomst een ander systeem bedenkt.

Dat van die beter weer-rijders alleen Dylan Teuns, nog een landgenoot, zich nog in de top-10 kon plaatsen, bewijst trouwens eens te meer dat Lampaert zijn overwinning dubbeldik verdiende. Zij het met dat tikje meeval dat hem anders al zo vaak ontbrak.

Niet Herentals maar Ingelmunster

De geklopten van de dag heten Filippo Ganna, Stefan Küng en Stefan Bissegger: specialisten die voor dit werk naar de Tour zijn gekomen. Ook voor Van Aert was de koersontwikkeling ongetwijfeld wrang. Hij klopte zijn grote concurrenten, inbegrepen de superspecialist die meestal nog net die paar seconden sneller is dan hij, om vervolgens vanuit de ‘hot seat’ toch nog iemand verrassend beter te zien doen – en dan nog een landgenoot ook: het moet pijn doen dat er niet in Herentals, maar in Ingelmunster een geel feest losbarst.

Maar uitstel is waarschijnlijk geen afstel. Die vijf seconden zijn snel weggewerkt met de bonificaties die vandaag en morgen te verdienen zijn in de sprint. En dan is de koude douche van Kopenhagen snel vergeten.

Pogacar-statementje

Voor de klassementsspecialisten heeft de openingstijdrit weinig golven gemaakt. Wellicht mede door het gladde parcours bleven de tijdsverschillen relatief beperkt. Pogacar maakte meteen al even een punt door knap derde te worden in wat niet helemaal zijn discipline is. Jonas Vingegaard eindigde net voor zijn medekopman bij Jumbo-Visma, olympisch kampioen tijdrijden Primoz Roglic.

Maar geen van de andere klassementsrenners – Daniel Felipe Martinez, Alexander Vlasov, Adam Yates – liep een achterstand op die tot onrust wekt.

Wellicht is het woord dus nog enkele dagen aan de ‘klassieke’ renners uit België, Nederland en Denemarken. Van der Poel, Mads Pedersen en Wout van Aert: ze hebben vast allemaal een plan. Maar met een Yves Lampaert in de hoogste sferen en met in rit 5 een mini-Parijs-Roubaix op komst, zou de onverwachte gele trui de Tour ook best nog eens langer dan enkele dagen kunnen kleuren. Het is dat België geen kandidaten voor het eindklassement heeft, anders waren de seventies écht terug.

Niet te missen


LEES OOK

De podcasts van De Standaard

Niet te missen