camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

Recensie Poëziezomer

Watou houdt het dicht bij huis

Kleine en grote verhalen doen deze zomer haasje-over in Watou. Het festival haalt de band aan met de bewoners van het dorpje, en poëzie en kunst zoeken weer hun symbiose op.

Door

Foto's

vrijdag 1 juli 2022 om 3.25 uur

Ilke Cop, De ­pilaren van ­Watou.

Watou 2022. Sense of place

Watou, van 2/7 tot 4/9, niet op dinsdag.

In haar bijdrage aan Sense of ­place, de nieuwe editie van het kunstenfestival Watou, ging ­Helena Cnockaert langs bij negen bewoners. Kjér mo ekè were, heet haar project. Want dat kreeg ze het vaakst te horen: kom maar eens terug.

Haar vraag naar een favoriet voorwerp leverde een berg anekdotes op, die ze vertaalde naar textielwerken of bewerkte foto’s. Een verzameling gevonden stokken, een ‘Kindje Jezus van Praag’ dat wonderen verricht: kamer na kamer dist Cnockaert kleine verhalen op over wat mensen zoal dierbaar vinden. Esohe Weyden schreef er een nieuw gedicht bij. Het is losjes gebaseerd op een quote van Eva Gerlach, ‘Opzij van het kijken’, dat een koppel uit Watou onthield uit de poëziezomer van 2003. Ze lieten het op de zijgevel van hun huis aanbrengen, als levensmotto.

Staande wip

Kjér mo ekè were laat zien hoe Watou het dit jaar dicht bij huis houdt. Het zoomt in op het eigen DNA: dat van een authentiek West-Vlaams dorp, dat vasthoudt aan zijn tradities maar evengoed worstelt met zijn ligging, met stilstand en met de Franse grens vlakbij.

Het dorp mag zich dit jaar van zijn nostalgische kant tonen, zij het met een twist

In de schaduw van de jubi­leumeditie van vorig jaar, goed voor een bezoekersrecord maar ook voor veel kritiek, kwam een nieuw model voor het kunstenfestival uit de bus. Onder het ­peterschap van Koen Vanmechelen zet het sterker in op lokale verankering, op Watou als kweekvijver voor nieuw talent. Uit een voorronde werden achttien kunstenaars en collectieven gerekruteerd, die elk een project in situ uitwerkten.

Atelier Haute Cusine, The Watou Read Thru.

Vanmechelen: ‘Mijn kunst is hier zowat geboren, toen Jan Hoet mij in 2000 uitnodigde met mijn Cosmopolitan chicken project, een kruising van kippen­rassen. Het bleek een universeel verhaal, de zoektocht naar de kosmopolitische kip is nu al aan zijn 27ste generatie toe. Hoe het lokale naar het universele voert, dat is voor mij de kern van de ­poëziezomers van Watou. En dat telkens in nauw contact met mens en natuur. Met die traditie zoeken we nu weer aansluiting.’

Het dorp mag zich dit jaar van zijn nostalgische kant tonen, zij het met een twist. Mikes Poppe zet erop in, met zijn performance En de boer hij ploegde voort. Een titel die we best letterlijk ­nemen, ook al trekt Poppe geen ploeg achter zich, maar een ­replica van een antiek beeld. Tom Bogaert vond aansluiting bij typisch Vlaamse folklore, die van de staande wip. Hij verbroederde met de lokale boogschuttersgilde. De wip zelf blijft deze zomer actief, maar twee keer per dag wordt de ultieme ‘Watoukop’ naar boven gehesen. Uit 400 beelden die hij op internet vond, distilleerde Bogaert een röntgenfoto van de doorsnee-Watou­bezoeker: wit, mannelijk en ­kalend.

Rob Voerman, The exchange.  

Ilke Cop maakt in de kerk kanttekeningen bij de Watou-idylle. Ze installeerde er een groot schilderij met daarop tien vrouwen, als heiligenfiguren in het wit, die ze De pilaren van Watou noemt. Het was haar opgevallen dat er maar één vrouw een publieke verschijning in het dorp mag zijn: de maagd Maria.

Grenswater

Vaak komt het grensgegeven ­terug. Naast het café A la frontière belge verscheen een wisselkantoor, waar je je eurobiljetten kunt omruilen voor schreves. Je kunt ze bewaren, of ermee betalen aan de toog. De Reuringdienst, een Nederlands collectief dat zich een ‘sociaal designbureau’ noemt, trok in de aanloop naar het festival grenswachtershuisjes op. Ze prikkelden de nieuwsgierigheid van Watounaren, die er verhalen en overleveringen achterlieten. Marie Darah maakte er slam poetry van.

Bart Eysinck Smeets, Grenswater

Hoe absurd grenssituaties soms kunnen zijn: Bert Eysink Smeets demonstreert het met Grenswater, een performance die op video te zien is. Aan weerskanten van de Heidebeek, de ­natuurlijke grens, installeerde hij een beregeningsinstallatie waarvan de stralen elkaar in een grote boog raken. Het herinnert aan een zomer enkele jaren geleden waarin Vlaamse boeren verboden werd hun land te bevloeien. Dat deden ze dan maar gewoon van net over de grens.

Het gevoel leefde bij de vorige editie dat de link tussen poëzie en kunst zoek was. Dat wordt nu rechtgezet, met een prominentere plek voor gedichten die ­geschreven zijn op maat van de performances en installaties. ­Samensteller Michaël Vandebril daagde daarvoor de jonge en gevestigde generatie uit. Hij installeerde ook een poëzieradio en een fietsroute met gedichten van Gwy Mandelinck, die ooit de ­Watouformule smeedde. En dan is er nog de stunt in het Brennepark. Atelier Haute Cuisine koppelt er de fastfood-ervaring aan de poëziebeleving. Via de bestelkiosk van een drive-in, met omgekeerd McDonald’s-logo dat de W van Watou oplevert, krijg je een kassabonnetje waarop een gedicht is geprint.

Einde van de zomer

Als aanvulling bij de nieuwe werken selecteerde jurylid James Putman nog een vloot kunst die naar zijn aanvoelen aansluit bij het Watou-gedachtegoed. Op het parcours vind je onder meer een spiegelinstallatie van Michelangelo Pistoletto, vroege videokunst van Nam June Paik en ook twee sculpturen van Vanmechelen. Bij een eerste, nog onvolledige rondgang hadden we niet de indruk dat Putmans selectie sterk uit de verf komt.

Anne ten Ham bij Overvloed, haar kamer met herfstbladeren.

Het kasteel De Lovie, vlakbij in Proven, blijft als binnen- en buitenlocatie een troef. Het kan dit keer bogen op speelse eye­catchers die de medewerking van het publiek vragen. Anne ten Ham lokt je in een kamer vol herfstbladeren, bijeengesprokkeld met de bewoners van het nabije zorgcentrum. Ze roepen al het eind van de ­zomer op en passen perfect bij de sfeer van het vervallen gebouw.

Buiten kun je met een druk op de knop je eigen zonsondergang in gang zetten. Instant sunset van Schellekens zal voor velen het laatste beeld op het netvlies zijn van deze Watouzomer. De installatie aan de vijver tovert een glimlach tevoorschijn, maar doet ook nadenken over het geluk dat we zo graag hier en nu claimen.

Je voelt hoe het festival dit jaar zoekt en experimenteert. Het is eigen aan de Watouzomer: telkens als die zichzelf heruitvindt, valt op hoe uniek de plek en de formule zijn. Ook als ze, zoals nu, niet flirt met klinkende namen maar liever dicht bij de roots van het dorp blijft.

Niet te missen


LEES OOK

De podcasts van De Standaard

Niet te missen