Inflatie maakt reuzensprong
Brood werd deze maand 4,5 procent duurder.  Foto: Fred Debrock 

De inflatie klokte deze maand af op 7,59 procent. Het hoogste cijfer sinds augustus 1983. De veronderstelling dat het om een tijdelijk fenomeen zou gaan komt onder druk te staan.

De Belgische inflatie maakte in januari een reuzensprong naar 7,59 procent. Het cijfer bedroeg in december nog 5,71 procent. De maandstijging van de index is zelfs de grootste sinds 1951. De energieprijzen blijven de grote boosdoener. Die liggen nu 60,86 procent hoger dan een jaar geleden. Maar ook zonder het effect van volatiele producten als energie en verse voeding bedraagt de inflatie nu 2,98 procent. Deze kerninflatie ligt dus duidelijk hoger dan de doelstelling van 2 procent die de ECB hanteert.

Behalve energie werden in januari ook brood en granen duurder, net als auto’s, zuivel, vlees, hotelkamers en verzekeringen. Alleen vliegtuigtickets werden goedkoper. Voeding is nu 2,28 procent duurder dan een jaar geleden.

Wanneer renteverhoging?

De inflatie stijgt sterker dan verwacht. Het Planbureau hield begin deze maand rekening met een cijfer van 6,67 procent voor januari. Na een piek in februari zal het cijfer weer zakken, zo luidt de verwachting. Toch is het de vraag of de inflatie dit jaar niet veel hoger zal uitkomen dan het gemiddelde van 5 procent dat het Planbureau verwacht.

Inflatie flinke meevaller voor Vlaamse begroting

De oplopende cijfers zetten ook de ECB steeds meer onder druk. De centrale bank denkt dat de inflatie een voorbijgaand fenomeen is. De theorie is dat de energieprijzen niet eeuwig kunnen blijven stijgen. Zelfs als ze op een plateau zouden stabiliseren, zou dat de inflatie naar beneden duwen. Maar die theorie wordt steeds minder houdbaar nu de dure energie langzaam maar gestaag doorsijpelt in de prijs van allerlei andere producten. Volgende week komt de ECB samen om de monetaire strategie te bespreken. De vraag is of de ‘niets-aan-de-hand’-houding van de bestuursraad nog langer verdedigbaar is. Officieel houdt de bank vol dat de eerste renteverhoging pas voor 2023 is. Maar nu na de Bank of England ook de Federal Reserve in de Verenigde Staten krachtig op de rem heeft getrapt, komt de ECB steeds meer geïsoleerd te staan. Financiële markten houden er rekening mee dat de eerste renteverhoging al dit jaar noodzakelijk zal zijn om de galopperende inflatie een halt toe te roepen.

Twee uitersten

De taak van de ECB is wel complexer dan die van de Fed. Frankfurt moet rekening houden met de situatie in alle lidstaten van de eurozone. Sommige, zoals Duitsland, zien liever vandaag dan morgen een renteverhoging omdat de inflatie de koopkracht en het spaargeld aanvreet. Andere, zoals Griekenland of Italië, vinden de inflatie niet echt een probleem, omdat die de berg staatsschuld langzaam doet smelten. Tussen die twee uitersten is het voorzichtig laveren.

De inflatie in België ligt traditioneel hoger dan die in de eurozone als geheel. Dat heeft onder meer te maken met de koppeling van de lonen aan de index. In de eurozone bedroeg de inflatie voor december 5,0 procent, met variaties van 12,0 procent in Estland tot 2,6 procent in Malta. In elk van de lidstaten lag de inflatie dus hoger dan de ECB-doelstelling van 2 procent, die voor de middellange termijn geldt.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig