Voorzitter Vlaamse Jeugdraad scherp voor amokmakers van oudejaarsnacht: ‘Hoe kun je zo je eigen buurt kapotmaken?’
Amir Bachrouri, voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad.  Foto:  Nattida-Jayne Kanyachalao

Amir Bachrouri, voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad, reageert scherp op zijn leeftijdsgenoten die op oudejaarsnacht vernielingen aanbrachten en brand stichtten in Antwerpen. ‘Het is belangrijk dit te veroordelen’, zegt hij. ‘Om te vermijden dat dit wordt aangegrepen om bepaalde jongeren uit te sluiten.’

Het was een bewogen oudejaarsnacht in Antwerpen. Ondanks het vroege sluitingsuur van de horeca, of misschien juist daardoor ervan, troepten heel wat mensen na 23 uur samen in de stad om het nieuwe jaar feestelijk in te zetten. Het jaarlijkse vuurwerkspektakel was dan wel afgelast, rond middernacht liepen de Scheldekaaien toch overvol. Het verbod om zelf vuurwerk af te steken werd lang niet door iedereen gerespecteerd. De ene vuurpijl na de andere ging de lucht in.

In de omgeving van het Steenplein raakten de gemoederen verhit, waarbij (vermoedelijk) dronken personen met vuurwerk, glas en andere projectielen de politie bekogelden. De situatie escaleerde, de politie greep in.

58 arrestaties

Ook elders in Antwerpen moest de politie ingrijpen. Een zeventigtal agenten kwam tussenbeide op de Lakborslei in Deurne. Er werd knalvuurwerk afgestoken en straatmeubilair beschadigd en er werden vuurtjes gestookt. Dat was ook het geval op het Kiel, in Antwerpen-Noord, in Borgerhout en in Berchem. Bushokjes, zitbanken, fietsen en bromfietsen werden in brand gestoken. In totaal voerde de politie op oudejaarsnacht 58 arrestaties uit, voornamelijk van jongeren, onder wie negen minderjarigen.

Amir Bachrouri, voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad, trekt fel van leer tegen zijn leeftijdsgenoten die hun eigen buurt kort en klein sloegen. Hij is kwaad om wat er is gebeurd en schrijft dat van zich af op Facebook. ‘Je medejongeren, die het waarschijnlijk heel moeilijk hebben, zien hun kansen gefnuikt worden, mede door jouw toedoen’, schrijft hij. ‘Omdat jij twee uur plezier belangrijker vond dan al het opgebouwde werk in je eigen mooie buurt, waar je normaal trots op bent.’

‘Niet in mijn naam’

Bachrouri kan geen begrip opbrengen voor wat er zich op oudejaarsavond heeft afgespeeld in de Antwerpse wijken. ‘Mensen omsingelen, beschimpen, gevels vandaliseren, winkels plunderen, auto’s en fietsen in brand steken, ... Hallucinant gewoon’, zegt hij. ‘Hoe kun je je eigen wijk zo kapotmaken? Het zijn je buren, je lokale handelaars, de bushokjes waar je vrienden en familie op de bus wachten ... Ik word er kwaad van, en veel jongeren met mij. Op sociale media zag ik veel reacties op wat er gebeurde, met het bijschrift “niet in mijn naam”. Heel wat jongeren hebben nu het gevoel dat ze zich moeten verantwoorden voor wat een klein groepje leeftijdsgenoten heeft aangericht. Ze moeten het bekopen door het wangedrag van enkelingen, terwijl ze zelf op een bedachtzame, gezonde en veilige manier het nieuwe jaar zijn ingegaan. En daarom dat ik me hier ook zo openlijk tegen uitspreek. We moeten heel duidelijk stellen dat dit soort gedrag niet door de beugel kan.’

In de reacties op zijn Facebookbericht wordt ook gezocht naar verklaringen voor het gedrag. Volgens sommigen is het een antwoord op het racisme en de discriminatie waar de jongeren dagelijks mee te maken krijgen. ‘Maar dat vind ik te gemakkelijk’, zegt Bachrouri. ‘Er is zeker en vast racisme en discriminatie in onze samenleving, maar dat rechtvaardigt het niet om je eigen buurt te viseren en geweld te gebruiken. Dit heeft daar niets mee te maken.’

Geen kant-en-klare oplossing

Als Borgerhoutenaar zag de voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad de voorbije weken al een voorproefje van wat komen zou. Knalvuurwerk en bommetjes zijn in de aanloop naar oudejaarsavond een dagelijks fenomeen geweest in stad en districten. ‘We wisten allemaal dat dit fout kon aflopen’, zegt Bachrouri. ‘En toch kon het gebeuren. Ik heb geen kant-en-klare oplossing. Er is al een vuurwerkverbod, maar het valt me op dat niemand van de politiek zich hier publiekelijk over uitspreekt. Er is niemand die in het openbaar durft te reageren en te zeggen dat hier een streep in het zand getrokken moet worden. Veel jongeren durven zich hier zelf niet over uit te spreken, uit angst voor de reacties van hun leeftijdsgenoten. Daarom doe ik het. Zodat de grote groep die het wel goed meent, op wie nu een schaduw wordt geworpen, niet het gevoel krijgt door dit gedrag uitgesloten te worden.’

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig