‘Bernard Dewulf had geen snipper middelmatigheid in zich’
Bernard Dewulf in 2016.  Foto:  Fred Debrock

Collega-auteurs en -dichters nemen afscheid van Bernard Dewulf. ‘Zijn dichterlijke blik was tegelijk ook de blik van de beeldende kunstenaar. Dat was hij ook op papier, in zijn taal. Dat is uniek. Het is een groot verlies.’

Piet Piryns, journalist en auteur

‘Ik heb Bernard naar De Morgen gehaald, toen ik daar hoofdredacteur was. Ik zag hem als opvolger van Herman de Coninck. Hij was natuurlijk erudiet en schreef als een jonge god. Dat heeft wel de nodige moeite gekost. Bernard schreef toen voor Kunst & Cultuur, het blad van het Paleis voor Schone Kunsten. Hij zat daar goed en hij was natuurlijk geen journalist in hart en nieren. Maar ik heb hem kunnen overtuigen en hij heeft dan lang Café des Arts gemaakt, zoals die cultuurbijlage heette.’

‘Bernard Dewulf had geen snipper middelmatigheid in zich’
Piet Piryns.  Foto:  Katrijn Van Giel

‘Ik kende Bernard al veel langer. Eerst door de gedichten die hij in het Nieuw Wereldtijdschrift had gepubliceerd. Ik heb hem dan goed leren kennen toen we hem (in 1988, red.) naar de Nacht van de Poëzie in Utrecht haalden. Hij was een van de vier debuterende dichters die we daar voorstelden, samen met Dirk Van Bastelaere, Charles Ducal en Erik Spinoy. We hadden ze samengebracht in een dichtbundel, Twist met ons, die werd ingeleid door Benno Barnard en aangekondigd als een generatie, terwijl hun werk natuurlijk hemelsbreed verschilt. Er gaapt een grand canyon tussen het werk van Dirk Van Bastelaere en dat van Bernard. Die overigens een zeer karige dichter is, ik denk dat hij drie dichtbundels heeft gepubliceerd.’

‘De schrijvers van het NWT vormden een klein, hecht clubje. Ik heb Bernard overigens de laatste keer ontmoet op een gezamenlijk verjaardagspartijtje van hem en Frank Albers, dat waren boezemvrienden, na het overlijden van Herman de Coninck werden ze samen ook hoofdredacteur van het NWT. Hij was ook een van de dichters die op het afscheid van Herman een gedicht van hem hebben voorgelezen.’

‘Hij was een dierbare vriend, wat kan ik meer zeggen? Ik ben erg van de kaart door het nieuws.’

Hugo Camps, journalist, columnist en auteur

Hugo Camps en Bernard Dewulf waren collega’s bij De Morgen, waar ze elke dag om beurt een stukje schreven over de actualiteit.

‘Bernard was een tedere ziel, eigenlijk te teder voor deze wereld, en ook voor de journalistiek. Hij had meer warmte nodig en kreeg die niet. Hij heeft lang in een spagaat gezeten tussen de journalistiek en zijn literair schrijven. Toen hij die prijs kreeg in Nederland (de Libris Literatuur Prijs voor de theatertekst ‘Kleine dagen’, red.) voelde hij zich erkend. Maar alles wat hij schreef, schreef hij met dezelfde zorg en aandacht. Hij heeft de stukjesschrijverij ontstegen: de stukjes die hij voor DS Weekblad maakte, waren pareltjes. Ik heb van het eerste tot het laatste genoten.’

‘We praatten wel eens met elkaar op literaire tournees. Dan viel mij altijd op hoe zorgzaam hij was. Voor zijn vrouw, die hij verafgoodde, maar ook voor zijn vrienden. Hij was een zorgzame man.’

‘We hebben zo lang die stukjes geschreven voor De Morgen, en daarvoor hebben we nooit overlegd. Dat was niet nodig. We hadden andere stemmen, andere couleur locale, een ander temperament. Er is nooit overleg geweest, maar ook nooit onenigheid.’

‘Dit is toch een dreun. Ik heb te doen met zijn vrouw. De grote dingen liet hij door haar doen. Dat was heel verstandig, hij was niet in staat een kader op te hangen. Voor de rest was het tussen hen grote liefde.’

Paul Demets, dichter

‘Ik ken Bernard al heel lang, al sinds hij chef Boeken van De Morgen was en ik voor die bijlage recenseerde. Later zijn we ook een tijdlang collega’s geweest, toen hij aan het KASK studenten begeleidde in het schrijven van dramateksten.’

‘Bernard Dewulf had geen snipper middelmatigheid in zich’
Paul Demets.  Foto:  Fred Debrock

‘Als schrijver had hij een unieke stem, zijn werk als dichter en als columnist sluit bij elkaar aan. Hij was iemand die echt in de kunst kon kruipen, zeker in de schilderkunst. Het is prachtig hoe hij over bijvoorbeeld Raoul De Keyser schreef, of over Edward Hopper, bijvoorbeeld. Hij ging altijd op zoek naar het menselijke, dat is de verbinding tussen zijn poëzie, de essays en bijdragen die hij schreef over kunst en zijn columns. De manier waarop hij onder de huid van een kunstenaar probeerde te kruipen, dat sluit dicht aan bij hoe hij keek naar zijn onmiddellijke omgeving: zijn vrouw, zijn kinderen, zijn werkkamer. Hij deed dat op een heel zinnelijke manier, die bij de lezer verschillende zintuigen prikkelde. Ik ken maar heel weinig schrijvers die daarin slagen in dat brede spectrum van poëzie, columns en essays. Zijn dichterlijke blik was tegelijk ook de blik van de beeldende kunstenaar. Dat was hij ook op papier, in zijn taal. Dat is uniek. Het is een groot verlies.’

Luc Coorevits, Behoud de Begeerte

De bezieler van Behoud de Begeerte kende Bernard Dewulf al sinds midden jaren ’80. ‘We zijn ooit samen met Benno Barnard naar Praag geweest, dat was een merkwaardige en leuke reis. Bernard heeft toen iets gezegd wat me altijd is bijgebleven: “Ik haat middelmatigheid, vooral die in mezelf.” Ik vond dat raar, omdat hij allesbehalve middelmatig was. Ik weet nog dat ik hem toen heb gezegd: maar Wolfie toch, want zo noemden we hem, je hebt geen snipper middelmatigheid in je.’

‘Een paar jaar geleden hebben we nog plannen gemaakt voor een tournee met Behoud de Begeerte, samen met Elise Caluwaerts, maar dat is er nooit van gekomen.’

‘Ik las hem graag. Hij was een uitstekende dichter, en het was fantastisch hoe hij over kunstenaars schreef. Hij was een heel minutieuze, zorgvuldige taalkunstenaar, en een lieve, gevoelige, uiterst getalenteerde man. Een binnenvetter ook. Het is een grote schok, ik ga hem missen.’

Kristien Hemmerechts, auteur

‘Bernard Dewulf had geen snipper middelmatigheid in zich’
Kristien Hemmerechts.  Foto:  Brecht Van Maele

‘Wat me altijd heeft getroffen aan Bernard, was zijn perfectionisme. Hij had ambitie als dichter en was niet snel tevreden over zichzelf. Hij stelde zich heel veel vragen: welke zin heeft het allemaal? Is het wel iets waard, wat ik doe? Hij keek enorm op naar een aantal dichters, onder wie Leonard Nolens. En dan vroeg hij zich af: kan ik daarnaast staan? Kan ik er iets aan toevoegen? Dat was voor hem niet vanzelfsprekend, en dat hield hem heel erg bezig. Hij was enerzijds heel bescheiden, vond dat het allemaal niet belangrijk was, maar anderzijds betekenden dat schrijverschap en de erkenning zo immens veel voor hem. Die innerlijke tegenstrijdigheid van hem, dat raakte me. Het was een moeilijke spreidstand. In die zin kon je hem getormenteerd noemen.

De manier waarop hij naar kunst keek en daarover schreef, waardeer ik heel erg: zo verhelderend en toegankelijk. Elke week keek ik weer uit naar zijn stukken in DS Weekblad, benieuwd naar wat hij nu weer zou bedenken, ik denk dat hij daar enorm veel tijd en energie in stopte.’

Carmen Willems, directrice KMSKA

‘Bernard Dewulf was al verschillende jaren writer in residence in het KMSKA’, zegt directrice Carmen Willems. ‘Hij was een erudiet man, met een filosofie die helemaal paste bij de verhalen die wij willen vertellen over kunst en de manier waarop we onze collectie willen presenteren. Hij heeft voor het nieuwe museum dat volgend jaar de deuren opent voor elke zaal een poëtische, artistieke tekst geschreven, geïnspireerd door de kunstwerken die er te zien zullen zijn – geen klassieke zaalteksten, maar teksten die de bezoekers zullen aanzetten om te kijken met een andere blik en beter te zien. Hij was daar heel gedreven in, hij heeft voor verschillende zalen meer dan één tekst geschreven, omdat er zoveel werken waren die hem aanspraken en inspireerden. Hij schreef ook voor ons magazine Zaal Z.’

‘Bernard zei geregeld dat als hij een tentoonstelling bezocht hij vaak zoekende was, en de dingen pas op zijn plaats vielen als hij erover ging schrijven, hoe hij via het woord probeerde te kijken naar kunst en die link nodig had om de kunstwerken beter te zien. Het zal pijn doen om volgend jaar zijn teksten op de muren van ons museum te zien terwijl hij er zelf niet meer is. Het nieuws van zijn overlijden is bij ons allemaal in het museum als een blok op ons hoofd gevallen. We leven erg mee met zijn familie en naasten.’

Benno Barnard, auteur (via mail)

‘Bernard is “onverwacht verleden” en dus staat hij zwijgend voor me: een melancholicus gekweekt uit een gebroken gezin en een milieu waar men zich bij “de literatuur” niets kon voorstellen. De muze bezocht hem, dus was vervreemding zijn lot. Zijn neiging soms te veel suiker door zijn stijl te roeren – die ik altijd als de tegenstrijdige wraak op zijn achtergrond heb geïnterpreteerd – werd ruimschoots goedgemaakt door zijn aanzienlijke talent voor observatie en – in zijn essays – redenering.’

Steven Heene, dramaturg en artistiek coördinator NT Gent

‘Ik heb het genoegen gehad in twee contexten met Bernard te werken, als journalist en als dramaturg. Bij De Morgen, waar ik cultuurredacteur werd, keek ik aanvankelijk ontzettend naar hem op: die pen! Maar leerde ik hem ook snel als mens kennen. Onder meer bij het basketten, waar hij zich ontzettend in kon uitleven. Hij was een heel minzaam, boeiend en rustig man – al voelde je dat er onder die rust veel bewoog.’

‘Het gedwongen vertrek bij De Morgen heeft hem erg aangegrepen. Het was dan ook heel fijn dat Wim Opbrouck en ik hem konden vragen als dramaturg bij NT Gent, wat relatief nieuw was voor hem. We hebben mooie producties gemaakt samen, van nieuwe en oude teksten, vaak met Julie Van den Berghe als regisseur. Cyrano bijvoorbeeld. Of Een Lolita – hij stond op de ‘een’ om aan te tonen dat het een eigen versie was – met Els Dottermans. Het meest staat mij Kleine dagen bij, de literaire enscenering van zijn eigen werk, waarbij hij op het podium stond. Met Julie hadden we een concept uitgewerkt waarbij we een replica van de tafel in zijn woonkamer gebruikten, zodat het leek alsof je bij hem thuis was. Bernard bracht dat erg goed, de voorstelling heeft heel lang getoerd voor volle zalen. Hij was geliefd bij het publiek, dat was duidelijk.’

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig