‘Taboe van buitensporige fiscale benadeling singles nog versterkt in begroting’
Themabeeld. Foto: Getty Images/EyeEm

Een werkend koppel betaalt 150 euro minder belastingen, een alleenstaande 50 euro. Die ene aankondiging uit het begrotingsakkoord zette kwaad bloed bij heel wat singles, omdat koppels alweer meer zouden winnen dan alleenstaanden.

Door het systeem van de bijzondere bijdrage aan de sociale zekerheid (BBSZ) geleidelijk af te schaffen, kon minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) zowaar een lastenverlaging aankondigen bij de voorstelling van het federale begrotingsakkoord. ‘We geven een impuls aan de koopkracht van werkende alleenstaande en werkende koppels van respectievelijk 50 en 150 euro per jaar’, klonk het.

De minister had waarschijnlijk niet gedacht dat de aankondiging kwaad bloed zou zetten bij een grote groep mensen. Veel singles gingen aan het rekenen en vroegen zich af waarom 1+1=3 is, waarom 50+50=150, en zij alweer worden benadeeld tegenover koppels. Koppels met kleine kinderen winnen bovendien ook doordat de fiscale aftrek voor kinderopvang wordt verhoogd.

Minister Van Peteghem probeerde de teleurgestelde singles op Twitter gerust te stellen. ‘De bedragen zijn voorbeelden. BBSZ hangt niet af van feit of je alleen/koppel bent, maar wel van je gezinsinkomen (daardoor zit je als koppel sneller aan maximum). Alleenstaande met hoger loon zal dus meer terugkrijgen dan een koppel met lager gemeenschappelijk loon, maar beiden winnen!’

Niettemin hebben de singles een punt, verklaarde professor politieke wetenschappen Dave Sinardet (VUB) op Twitter. ‘Een taboe dat wel overeind blijft en zelfs nog versterkt wordt, is dat van de buitensporige fiscale benadeling van alleenstaanden. Die gaan er in verhouding met koppels (met kinderen) nog verder op achteruit, terwijl zij al nergens zwaarder belast worden dan in België.’

Professor fiscaal recht Michel Maus (VUB) trad hem bij. ‘Met de regeling over de bijzondere bijdrage sociale zekerheid en de verhoogde belastingvermindering voor kinderopvang is dit begrotingsakkoord toch wel ook in functie van het gezin als hoeksteen van de maatschappij. Politici beseffen veel te weinig dat uiteindelijk zelfs ook de beste koppels alleenstaand worden.’

Geen sterke lobbymachine

In Laat, het nieuwsprogramma op Eén, legde Sinardet uit dat die fiscale benadeling op verschillende manieren gebeurt. Er is het huwelijksquotiënt, een fiscale herverdeling van het globale inkomen over de twee partners waardoor een deel tegen een lager tarief belast wordt, en het belastingvrij minimumloon dat toeneemt met het aantal kinderen. Twee voordelen waarvan alleenstaanden niet kunnen genieten. Daarnaast zijn er ook enkele belastingen die per huishouden, en niet per persoon worden betekend, zoals provinciebelastingen, en heffingen op gas en elektriciteit.

Dat de regering er net voor gekozen heeft om de belasting voor werkenden wat te doen dalen door de geleidelijke afschaffing van de bijzondere bijdrage op de sociale zekerheid, versterkt volgens Sinardet net die fiscale benadeling nog. ‘Er zijn redenen waarom dat logisch is, maar dat is een systeem dat voordien voordelig was voor alleenstaanden met lagere inkomens. Die afschaffing is dan weer voordelig voor koppels.’

Opvallend toch, aangezien volgens de cijfers op 1 januari 2019 35 procent van de Belgische bevolking uit singles bestaat, en nog eens 10 procent alleenstaande ouders betreft.

Waarom weegt die groep dan niet meer op de politieke besluitvorming? ‘Dat is omdat die groep niet echt gemobiliseerd en georganiseerd is. Er zijn wel enkele organisaties die singles verdedigen, maar die zijn niet echt heel sterk georganiseerd. Dat zijn niet zulke sterke lobbymachines zoals die er wel zijn voor andere groepen in de samenleving’, besluit Sinardet.