Wout van Aert kon zijn favorietenstatus op het WK wielrennen in eigen land zondag helaas niet waarmaken. De Belgische kopman zat in de beslissende kopgroep, maar had geen antwoord in huis op de demarrage van Alaphilippe. Van Aert moest uiteindelijk vrede nemen met een elfde plaats.

‘Mijn conclusie? Dat ik ook maar een mens ben zeker’, reageerde Van Aert ontgoocheld aan de finish. ‘Ik was niet gigantisch slecht natuurlijk, maar ik had gewoon niet de superbenen die je nodig hebt om wereldkampioen te worden. Ik kon keer op keer niet genoeg lengte in mijn versnellingen plaatsen. Toen Alaphilippe aanzette op de Smeysberg voelde ik het al. Ik kon niet volgen, hoewel ik wel op hem en Colbrelli wou reageren. Dat was een teken aan de wand. Misschien had ik daar al moeten aangeven dat ik niet goed genoeg was. Nadien werd het parcours iets gemakkelijker en hoopte ik dat we het nog konden rechtzetten. Maar op het circuit in Leuven liepen de benen verder leeg. Ik heb toen tegen Jasper (Stuyven, nvdr.) gezegd dat hij mocht meeschuiven en ervoor te koersen omdat ik me niet sterk genoeg voelde om het af te ronden. Ik had gehoopt dat hij nog een medaille uit de brand kon slepen, maar dat is jammer genoeg niet gelukt. Het zou een mooie troostprijs geweest zijn voor hem en ons. Daar baal ik wel van.’

Wout van Aert na elfde plaats op het WK: ‘Conclusie? Dat ik ook maar een mens ben zeker’
Foto: GOYVAERTS/GMAX AGENCY

Van Aert kon zich wel verzoenen met de nieuwe wereldkampioen. ‘Alaphilippe was gewoon de sterkste vandaag. Hij heeft gedemarreerd tot niemand meer meekon. Daarachter zaten veel renners die goed waren, maar die niet dezelfde versnelling in huis hadden. Als Belgen hebben wij de verantwoordelijkheid van de koers genomen en de rest laten afzien. Ik had niet verwacht dat ze ons zo vroeg onder druk zouden zetten. Het leek wel alsof ze zich van ronde hadden vergist. Toen we een eerste keer aan de Flandrienlus begonnen, op 200 kilometer van de meet, ontplofte de koers al. Dat heb ik nog nooit meegemaakt. Er stond veel druk op, maar daar heeft niemand onder gefaald. Iedereen hield het hoofd koel. We hebben onze tactiek uitgevoerd zoals we het wouden. We zaten op kop waar het moest, maar het ontbrak me aan goede benen. Remco (Evenepoel, nvdr.) heeft ook een mooie ronde gereden. Alle Belgen hebben fantastisch gereden, dat maakt het teleurstellend. Ik voel me daar wel rot over. Ik zal eens goed vloeken en straks ook na de koers nog kopman zijn en goed praten met de landgenoten.’

Ondanks de elfde plek heeft de Kempenaar wel genoten van de formidabele sfeer in en rond Leuven. ‘Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt. Het was fantastisch. We konden gewoon niet communiceren op het circuit. Het was een enorme geluidsmuur waar we telkens door moesten. Het was een ervaring om nooit te vergeten. Het was een eer om kopman te mogen zijn voor eigen volk.’