Bart De Wever: 25 procent nodig in 2024
Foto: belga

Bij de verkiezingen in 2024 moet de N-VA eigenlijk 25 procent halen, dan pas kan de partij de motor zijn van een staatshervorming die Vlaanderen meer autonomie biedt. Dat zei voorzitter Bart De Wever op Radio 1.

21,2 procent. Dat haalt de N-VA in een recente peiling van onder meer Het Laatste Nieuws en Le Soir. En dat is een pak minder dan de 25 procent bij de verkiezingen van 2019. In de peiling is Vlaams Belang trouwens de grootste partij met 23,6 procent.

21 procent is te weinig, beseft N-VA-voorzitter Bart De Wever. Willen we in 2024 de motor kunnen zijn van een broodnodige hervorming van ons land, dan hebben we een kwart van de stemmen nodig, zegt hij.

Het is een poging om het electoraat dat twijfelt tussen Vlaams Belang en N-VA naar zijn partij te halen. Vlaams Belang is volgens hem een partij met ‘politiek hooliganisme als huisstijl’. Zij willen eenzijdig de onafhankelijkheid uitroepen en dat ‘Catalaans scenario’ gaat ons land (en Vlaanderen) in chaos storten, aldus De Wever. Wie voor Vlaams Belang stemt, zet zijn stem eigenlijk in de koelkast, zegt hij.

De N-VA-partijvoorzitter ziet hoe elke verkiezingsronde in ons land eindigt op een eindeloos lange regeringsvorming waarbij de traditionele partijen zich uiteindelijk aan mekaar vastklitten vaak zonder zelfs een meerderheid in Vlaanderen. En waarbij, zoals nu, de zevende partij in de uitslag de premier mag leveren.

De Wever hoopt dan ook dat in 2024 zo’n scenario gewoon onmogelijk wordt.

Volgens hem beseft men intussen ook in Franstalig België dat een grondige hervorming onafwendbaar is.

En wat als het niet lukt in 2024? ‘Het is niet de bedoeling dat we de afspraak dan missen natuurlijk’, zei De Wever vanmorgen op Radio 1. ‘Maar uiteindelijk zal de historische missie lukken, ik weet niet alleen wanneer. Maar het gebeurt best in 2024 want anders zal het in veel slechtere omstandigheden moeten gebeuren.’ De Wever wees erop dat, bijvoorbeeld door de lage rente op spaargeld, de Vlaming verarmt.

Optimistische De Wever

Later op de dag sprak De Wever zijn partijleden toe op een bijeenkomst in Brussel naar aanleiding van de twintigste verjaardag van zijn partij. Op de gastenlijst stonden enkele buitenlandse sprekers, zoals voormalig Beiers cultuur- en onderwjsminister Monika Hohlmeier (CSU) en voormalig Tweede Kamerlid Han ten Broeke (VVD).

In zijn slotwoord blikte voorzitter De Wever terug op de voorbije 20 jaar, waarin N-VA uitgroeide van minipartij naar de leidende formatie in Vlaanderen, die sinds 2014 de minister-president levert. Er is echter een grote maar, aldus De Wever. ‘Tijdens onze twintig levensjaren als partij zagen we het federale niveau van kwaad naar erger gaan. Er is niets meer over van wat ooit de Belgische democratie is geweest.’

Bij de vorming van de Vivaldi-regering werd voor De Wever op dat vlak het dieptepunt bereikt. En zoals zijn partij al vaker verklaarde, gelooft De Wever niet dat de federale regering noodzakelijke structurele hervormingen zal doorvoeren, met nefaste gevolgen voor het noorden van het land. ‘Iedere dag dat België als een stuurloos schip voor pampus ligt, smelt het geld van de Vlaamse spaarder verder weg in de steeds diepere put.‘

Maar De Wever is niettemin optimistisch. ‘De tijd is rijp. De verarming van Vlaanderen door de federale stilstand zal zo tastbaar worden dat niemand het zonlicht nog zal kunnen loochenen. De democratische tegenstelling tussen Vlaanderen en Wallonië zal zo groot worden dat niemand nog geloofwaardigheid kan geven aan het federaal bestuur’, gelooft de voorzitter. En daarom kan enkel het confederalisme een oplossing bieden, met N-VA als enige partij die daarvoor kan zorgen, aldus De Wever