Het debat over Grindadráp, de traditionele griendenjacht op de Faeröer-eilanden, laait opnieuw op. Er werden meer dan 1.400 dolfijnen gedood, een aantal dat zelfs voor de voormalige voorzitter van de Faeröerse vereniging voor de griendenjacht ‘buitensporig’ is. Dierenrechtenorganisaties roepen op om de jacht te verbieden.

De huidige voorzitter van de vereniging voor griendenjacht vreest dat de reputatie van de Faeröer-eilanden besmeurd wordt. Het is tijd om te bekijken of de jacht op dolfijnen moet toegestaan blijven, zei hij aan het nieuwssite In.fo.

Grindadráp dateert al van de tijd van de Vikingen. De dieren worden met schepen en boten naar een baai gedreven, daar geslacht en het vlees wordt vervolgens onder de deelnemers verdeeld. Volgens tellingen van de Faeröer zijn in 2020 in totaal 576 grienden en 35 witflankdolfijnen gedood, wat betekent dat het aantal van meer dan 1.400 gedode dolfijnen uitzonderlijk hoog is. De eilanden maken deel uit van het Deense koninkrijk maar zijn grotendeels autonoom.