De Wever over ‘privéfeesten’ in Antwerpse discotheek: ‘Wet laat het toe’
Foto: ISOPIX

Antwerps burgemeester Bart De Wever (N-VA) zal niet ingrijpen tegen nachtclubs die zogezegde privé-evenementen organiseren en zo de coronamaatregelen omzeilen. Dat heeft hij gezegd op Radio 1. ‘De wet van minister Verlinden deugt niet.’

Verschillende nachtclubs organiseren in september feesten met online-uitnodigingen. Op die manier kan er zonder afstand, mondmasker of andere regels gedanst worden. De coronamaatregelen zijn immers niet verplicht bij evenementen onder de 200 personen.

In Antwerpen organiseert onder andere discotheek Red & Blue zo’n evenementen. Volgens Antwerps burgemeester De Wever is de eigenaar in zijn recht. ‘De wet van minister Verlinden deugt niet’, stelde De Wever in De Ochtend op Radio 1. ‘Ik hoor dat zij “not amused” is, wij zijn ook “not amused” met ieder ministerieel besluit vol met loopholes. Een jurist zou moeten weten dat de letter van de wet telt.’

‘Het is moeilijk uit te leggen dat in september in het Sportpaleis 15.000 mensen samenkomen voor Reverze, een puur nachtleven-event, maar dat een club dat niet zou kunnen met enkele honderden’, vindt de burgemeester. ‘De wet laat dat ook toe, je moet alleen een beetje creatief zijn en er een privéfeest van maken, dat is niet zo moeilijk.’

Politie grijpt niet in

‘Als je tot 200 mensen een privéfeest organiseert dan kun je op internet mensen uitnodigen, en ben je in orde met de wet’, legt De Wever uit. De politie zal in zijn stad ook niet ingrijpen tegen de feesten. ‘Voor de politie is dat een ramp: moeten wij gaan tellen hoeveel mensen er binnen zijn en hoeveel mensen een uitnodiging hebben? Wij hebben vanaf de eerste dag de wet strikt gehandhaafd, dat zullen we nu ook doen.’

‘In anderhalf jaar crisis is men er bij Binnenlandse Zaken nog niet in geslaagd om één fatsoenlijk ministerieel besluit af te leveren’, besluit De Wever. ‘Ik begrijp niet waarom wij al anderhalf jaar per ministerieel besluit worden bestuurd, laat dat soort teksten toch toetsen aan de democratie.’