Björn Prasse legt eed af als burgemeester van Blankenberge
Het nieuwe bestuur van Blankenberge van links naar rechts: Patrick De Meulenaere (Vooruit), Mitch De Geest (Open VLD), Björn Prasse (Open VLD), Jurgen Content (Vooruit), Annie De Pauw (Vooruit), Kathy Kamoen (Open VLD), Patrick De Klerck (Open VLD). Foto: jve

Woensdagavond heeft Björn Prasse (Open VLD) de eed afgelegd als burgemeester van Blankenberge. Dat gebeurde op de gemeenteraad nadat een motie van wantrouwen werd gestemd tegenover het huidige bestuur van de badstad. Daphné Dumery (N-VA) geeft daarmee haar burgemeesterssjerp af.

Na een maandenlange politieke impasse heeft Blankenberge nu ook officieel een nieuw bestuur en een nieuwe burgemeester. Na de stemming van de constructieve motie van wantrouwen in de gemeenteraad van Blankenberge, werd een nieuw bestuur aangesteld. De VLD vormt daarmee een coalitie met de partij Vooruit. Daphné Dumery’s N-VA en coalitiepartner CD&V belanden daarmee in de oppositie.

Motie van wantrouwen

De wissel komt er nadat coalitiepartner Vooruit het vertrouwen in burgemeester Dumery opzegde in april. De partij sprak toen van een dictatoriaal en falend beleid van de Blankenbergse burgemeester. Eerder werd schepen Jurgen Content (Vooruit) ontzet uit zijn bevoegdheden nadat hij werd genoemd in een gerechtelijk onderzoek naar vermoedelijke prijsafspraken onder stranduitbaters. Niet veel later raakte het schepencollege van Blankenberge een deel van zijn bevoegdheden kwijt aan de gemeenteraad. Sindsdien werd er met wisselmeerderheden gewerkt.

Als grootste partij van de verkiezingen in 2018, had Open VLD de keuze om met Vooruit of N-VA en CD&V een nieuwe meerderheid te creëren. De liberale leden kozen met 92 procent voor Vooruit.

Anders dan in De Panne dinsdagavond, verliep de gemeenteraad in Blankenberge rustig en sereen. ‘Wij hebben veel gesprekken gevoerd met alle partijen om te kijken hoe we de stad vooruit konden helpen. Dat heeft ertoe geleid dat iedereen tot het inzicht gekomen is dat wat vanavond is gebeurd, nodig was om een stabiel bestuur te hebben. Hopelijk zet deze sfeer zich verder in de komende weken, maanden en jaren.’