Corona verhinderde vierduizend kankerdiagnoses in België in 2020
Foto: Belga

In het coronajaar 2020 werden 6 procent minder nieuwe kankerdiagnoses gesteld in vergelijking met 2019. Dat komt neer op een daling van zo’n 4.000 diagnoses in België. De Stichting tegen Kanker stipt aan dat de inhaalbeweging is ingezet, vooral voor bepaalde tumoren en leeftijdsgroepen.

Door de versnelde aanlevering van gegevens van de laboratoria voor pathologische anatomie kon de Stichting Kankerregister de impact van covid-19 op het aantal nieuwe kankerdiagnoses in kaart brengen.

Tijdens de eerste golf van de pandemie was er vanaf maart 2020 een duidelijke afname van het aantal nieuwe kankerdiagnoses. De sterkste daling werd midden april 2020 genoteerd, waarna het aantal diagnoses opnieuw begon toe te nemen om de verwachte normale waarden te bereiken tegen begin juni 2020. De tweede golf in het najaar had weinig impact op het aantal kankerdiagnoses, met uitzondering van de 80-plussers.

• Wereldkankerdag: Stichting wil ook die andere ‘killer’ overwinnen

Bij de 80-plussers werden in 2020 naar schatting 10 procent minder kankerdiagnoses opgetekend in vergelijking met 2019. Bij kinderen en adolescenten (0-19 jaar) bedraagt de waargenomen daling 4 procent. Omdat kankers daar eerder zeldzaam zijn, betreft het in 2020 naar schatting minder dan twintig patiënten.

‘Sinds begin 2021 is voor de leeftijdsgroepen onder de 50 jaar het inhaaleffect van het aantal diagnoses bijna afgerond. Voor de oudere leeftijdscategorieën is nog een inspanning nodig’, aldus de Stichting.

• Arno na de diagnose: ‘De mensen rondom mij hebben er meer van afgezien dan ik’

De grootste blijvende daling werd waargenomen bij de kankers van het hoofd- en halsgebied, waarvoor in 2020 14 procent minder diagnoses werden gesteld dan het jaar voordien. Deze tumoren vertoonden begin 2021 slechts een beperkt verder herstel, een daling van 10 procent.

Voor melanoom- en non-melanoomhuidkanker werd in april 2020 de grootste initiële daling geobserveerd, maar deze daling reduceerde tot 8 procent (melanoom) en 9 procent (niet-melanoom) ontbrekende diagnoses aan het einde van 2020, met een aanhoudende herstelbeweging begin 2021.

Voor kankers van het beenmerg of lymfeklieren blijft de afname gemiddeld 6 procent voor eind 2020 en begin 2021. Bijna alle verwachte diagnoses zijn ondertussen gesteld voor longkanker (2 procent resterend) en pancreaskanker (4 procent resterend eind 2020 en lichte stijging begin 2021), twee kankers met vaak een slechtere prognose.

De Stichting tegen Kanker benadrukt het belang van een zo vroeg mogelijke diagnose, aangezien de risico’s op een zwaardere behandeling en op een slechtere prognose groter zijn bij laattijdige diagnoses.