Lotte Kopecky volgt zichzelf op als Belgisch kampioene na solo van acht kilometer: ‘Ik startte met superslechte benen’
Foto: David Stockman | Belga

Het BK op de weg voor vrouwen is gewonnen door uittredend kampioene Lotte Kopecky. De titelverdedigster rondde een solo van acht kilometer succesvol af en won na de nationale tijdrittitel van woensdag nu ook de titel op de weg. Julie Van de Velde werd net als in de tijdrit tweede, het brons was voor Alana Castrique.

Titelverdedigster Lotte Kopecky en viervoudig kampioene Jolien D’hoore stonden ook deze keer als uitgesproken favorieten aan de start. Straks op de Spelen in Tokio proberen ze samen goud te halen in de ploegkoers, vandaag waren ze elkaars tegenstander.

De eerste aanval van de ploeg was voor Amber Aernouts. De Kempense muisde er al na tien kilometer vanonder en fietste een voorsprong van meer dan een minuut bij elkaar. Maar alleen is maar alleen en de 20-jarige werd dan ook even later ingerekend.

Het werd pas serieus toen Ann-Sophie Duyck op de ‘finaleronde’ voor de aanval koos. De meervoudig kampioene tijdrijden profiteerde van de onderlinge rivaliteit in het peloton en kreeg vrij snel een voorgift van een minuut. D’hoore probeerde wel de vaart erin te houden, Kopecky zette ploeggenote Valerie Demey aan het werk.

Bij het ingaan van de laatste ronde van zestien kilometer telde Duyck nog steeds een twintigtal seconden voorsprong. De kasseien van de Herlegemstraat zorgden niet voor vuurwerk in het uitgedunde peloton. Het bleef dus wachten op de laatste beklimming van de Holstraat. Shari Bossuyt gooide haar kaarten op tafel en ging meteen op en over Duyck. Het peloton spatte uit elkaar en op de top van de Holstraat kregen we een kopgroep van tien met Jolien D’hoore en Lotte Kopecky. De uittredende kampioene besloot op acht kilometer van het einde meteen door te trekken en sloeg vrij snel een kloof. In de achtergrond werd getwijfeld en Valerie Demey controleerde elke poging tot reactie. Kopecky reed in geen tijd een voorsprong van een halve minuut bij elkaar en werd niet meer gegrepen.

‘Hier had ik op gehoopt’, zei de winnares. ‘Maar het was een lastige opdracht. In het begin had ik superslechte benen. Ik moest krachten sparen voor een alles-of-niets-poging. Dat is me goed gelukt.’

Waarom die aanval? ‘Ik was niet zeker van mijn spurt omdat ik me niet zo slecht voelde’, reageerde Kopecky. ‘Dit was dus de juiste beslissing. Het was de bedoeling om al van in de eerste passage op de Holstraat door te trekken maar had al snel door dat Jolien een goede dag had. De laatste ronde verliep ideaal. Jolien had het lastig, het tempo lag hoog. Ik moest gewoon rustig blijven en dan alles of niets proberen. Ik wou alles geven en niet omkijken. Ik heb één keer gekeken maar ik zag ze niet. Plots kreeg ik de melding dat ik dertig seconden voorsprong had op één kilometer van het einde. Toen wist ik dat het niet fout kon lopen.’