Publiek wil na lockdown weer (en meer) naar cultuurvoorstellingen
Foto: BELGA

Zowat 90% van de cultuurbezoekers mist de livebeleving, blijkt uit een rondvraag. Een vijfde wil na corona ­zelfs ­vaker cultuur meepikken.

Cultuurhuizen hebben hun best gedaan om online-alternatieven aan te bieden, maar het publiek is er stilaan klaar mee. 67% van 22.000 ondervraagde cultuurbezoekers zegt dat zijn cultuurhonger daarmee niet gestild is en 52% zegt er niet voor te willen betalen. Dat blijkt uit een publieksbevraging bij tachtig cultuurhuizen die de netwerkorganisatie Cult, de UA en het bureau LMR-LMOV de voorbije weken opzetten.

Toen de zalen in september mondjesmaat heropenden, liep het niet meteen storm. Zelfs de weinige beschikbare zitjes raakten niet uitverkocht. Het publiek is er niet gerust op, dachten de cultuurhuizen. Maar aan het publiek werd het niet gevraagd.

Nu wel. De 22.000 ondervraagden hebben na enkele bijkomende maanden huisarrest of natuurwandelingen honger naar cultuur gekregen: 88% zegt livecultuur te missen en 77% zegt dat cultuur bijdraagt aan hun mentale gezondheid.

Zodra het weer mag en niet afgeraden wordt, wil 75% opnieuw naar cultuur. Van de bevraagden zegt 18,42% vaker te zullen gaan dan voor de coronacrisis. Amper 3,12% denkt minder naar cultuurvoorstellingen te zullen gaan.

Veiligheid

In de veiligheidsprotocollen die de cultuurhuizen uitwerkten, heeft 80% van de respondenten vertrouwen, 17% staat er neutraal tegenover. Dat is nog iets anders dan zich ergens comfortabel voelen. Dat is het meest het geval in de openlucht (72%). Voor concerten is daar veruit de meeste animo, maar 60% ziet theater in de openlucht ook wel zitten. In grote of middelgrote zalen met zitjes voelt 67% zich op zijn gemak.

Op sneltesten is het publiek niet zo dol: nog geen 15% heeft er zin in. Voor 75% van het publiek zijn beperkte wachtrijen een pluspunt om te komen. Met sneltesten wordt dat er niet beter op.

‘Onze intuïtie klopt’, zegt Leen Vanderschueren van Cult. ‘Het publiek komt terug. Ze hebben er vertrouwen in en hunkeren ernaar. Onze vraag aan de virologen en ­politici is om in hun beoordeling mee te nemen wat de mensen zelf vinden.’