Bij rellen in onder meer Belfast en Derry zijn de afgelopen zes dagen al 55 politieagenten gewond geraakt. Gisteren werd in Belfast ook een bus in brand gestoken. De onrust ontstond in unionistische, pro-Britse stadsdelen. De vrees leeft dan ook dat oude vijandig­heden weer oplaaien. De Noord-Ierse regering is in spoedberaad bijeengekomen.

Afgelopen nacht, ondertussen al de zesde nacht van rellen in Noord-Ierland, raakten zeven agenten gewond. Gisteren raakte in de hoofdstad ook een fotojournalist gewond en werd een dubbeldekkerbus in brand gestoken. De Noord-Ierse regering kwam vandaag in spoedberaad bijeen om de situatie te bespreken. De onlusten vinden plaats in Belfast, Derry en in plaatsen in het graafschap Antrim, waartoe Belfast behoort.

Vooral in (protestantse) unionistische wijken kwam het tot gevechten tussen unionisten en (katholieke) republikeinen, waarbij ook met brandbommen werd gegooid naar elkaar en naar de politie die de orde trachtte te handhaven. De regering, waarin zowel unionisten als republikeinen zetelen, heeft het geweld al veroordeeld als ‘compleet onaanvaardbaar en niet te rechtvaardigen’. Eerste minister Arlene Foster (Democratic Unionist party) tweette over de rellen: ‘Dit is geen protest. Dit is vandalisme en poging tot moord. Deze daden zijn niet representatief voor unionisten.’

Het hoofd van de Noord-Ierse politie had het over ‘sektarisch geweld op een schaal die we in recente jaren niet meer gezien hebben’ en zei dat er aanwijzingen zijn dat het geweld op voorhand gepland was. Ook vanuit Dublin en Londen kwamen bezorgde reacties over de hernieuwde spanningen tussen de – hoofdzakelijk protestantse – pro-Britse unionisten en de – hoofdzakelijk katholieke – pro-Ierse republikeinen. Het Witte Huis sprak intussen ook zijn bezorgdheid uit.

Begrafenis IRA-lid

Niet helemaal toevallig zijn de onlusten ontstaan na Goede Vrijdag – het historische vredesakkoord over Noord-Ierland uit 1998 kreeg de naam Goedevrijdagakkoord mee, en Pasen is traditioneel de start van het ‘paradeseizoen’ (marching season), waarbij groeperingen zoals de pro-Britse, protestantse Oranjeorde marsen houden. Dat gaat wel vaker met onrust gepaard, maar dit jaar kookte het potje voor de unionisten over toen bekendraakte dat leden van de Ierse republikeinse partij Sinn Fein, die ook in Noord-Ierland actief is, geen gevolgen zullen dragen voor het bijwonen van de begrafenis van een voormalig lid van de IRA in juni afgelopen jaar. Historisch heeft Sinn Fein banden met de paramilitaire IRA.

Op de begrafenis waren 2.000 mensen aanwezig, wat in strijd was met de coronamaatregelen. Ook de Noord-Ierse vicepremier Michelle O’Neill (Sinn Fein) was onder de aanwezigen. Zij verontschuldigde zich vorige week. Premier Arlene Foster reageerde via Twitter dat de rellen ‘de aandacht afleiden van de echte wetsovertreders binnen Sinn Fein’.

Op de achtergrond spelen de blijvende spanningen rond de handel na de Brexit. Er zijn opnieuw grenscontroles tussen Noord-Ierland en de rest van het Verenigd Koninkrijk, wat zeer tegen de zin is van de protestantse unionisten. Net zoals in andere landen heerst in Noord-Ierland bovendien onvrede over de aanhoudende coronamaatregelen, waardoor ook jongeren de rellen zouden aangrijpen om op straat te komen. Onder de relschoppers zouden zich ook tieners van 13 en 14 jaar oud bevonden hebben.