Remco Evenepoel verlengt contract bij Deceuninck-Quick-Step met vijf jaar
Patrick Lefevere en Remco Evenepoel. Foto: BELGA

Recmo Evenepoel heeft zijn contract bij Deceuninck-Quick-Step met vijf jaar verlengd. Evenepoel blijft dus tot minstens 2026 Patrick Lefevere trouw.

‘Ik voel me echt vereerd dat ik mijn handtekening onder een contract voor de komende vijf jaar mag zetten’, zegt Remco Evenepoel. ‘Patrick Lefevere vertelde me dat dit de langste overeenkomst is die hij ooit met een renner heeft getekend. Ik ben erg trots en blij om in dit geweldige team te mogen blijven, waar ik al veel succes heb gehad, en hopelijk kunnen we onze grote dromen waarmaken. Ik vind het hier geweldig. De omgeving, het personeel, de renners, alles voelt zo vertrouwd aan. Voor mij is het gewoon een droom die uitkomt. Daarom voel ik me echt heel blij en opgewonden over wat de toekomst in petto heeft.’

Lefevere: ‘Gelukkige mensen presteren beter’

Teambaas Patrick Lefevere wil een rondeploeg rond Remco Evenepoel uitbouwen. Daarvoor legde hij een project van vijf jaar op tafel en werden de nodige sponsors gezocht. Eerstdaags moesten daarvoor de laatste handtekeningen gezet worden. ‘Het is een belangrijke stap voor de toekomst, voor het team’, aldus Lefevere. ‘Iedereen weet waartoe Remco in staat is en hoe getalenteerd hij is. Zoals hij zei: hij is gelukkig. En een van mijn belangrijkste taken is hem tevreden te houden en de juiste mensen om hem heen te plaatsen. Omdat ik uit ervaring weet, en ik denk dat ik er een paar heb na een kleine 40 jaar in de sport, dat gelukkige mensen beter presteren dan ongelukkige mensen. We zijn blij dat Remco doorgaat met de Wolfpack, en zoals hij al zei, hopen we dat we nog veel meer geweldige momenten samen zullen beleven.’

Remco Evenepoel mag weer dromen van Giro

‘Boost om hard te blijven werken’

Remco Evenepoel reageerde ook nog via een Instagramvideo. ‘De contractverlenging geeft mij een enorme boost om hard te blijven werken en de vele dromen die we samen hebben waar te maken. Een echte wolf verlaat nooit de roedel.’