Brein achter Watergate-inbraak Gordon Liddy (90) overleden
Liddy in Washington D.C. tijdens de Watergate-rechtzaak. Foto: AP

Gordon Liddy, de voormalige agent van de Amerikaanse federale politiedienst FBI die medeverantwoordelijk was voor het afluisterschandaal Watergate, is op 90-jarige leeftijd overleden.

Liddy had de leiding over een onderzoekseenheid die in 1972, in opdracht van de toenmalige Republikeinse president Richard Nixon, afluisterapparatuur moest plaatsen in het hoofdkwartier van de Democratische Partij, het Watergate-gebouw in hoofdstad Washington.

Nadat het schandaal uitkwam door publicaties van Washington Post-journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein, zag Nixon zich in 1974 uiteindelijk gedwongen om op te stappen. Liddy werd gezien als een van de breinen achter het schandaal en zijn grootste criticasters zagen hem als de man die verantwoordelijk was voor veel van de ‘vuile trucks’ van de Nixon-regering. Niet al zijn ideeën werden even enthousiast onthaald in deze regering en vaak werden ze zelfs opzijgeschoven. Gingen meteen de vuilbak in: een plan om onderzoekscolumnist Jack Anderson te vermoorden, het idee om anti-oorlogsdemonstranten te ontvoeren en naar Mexico te brengen, en een plan om Democraten te lokken naar een feest met prostituees.

Nixon zou Liddy bij zijn kabinetschef ooit beschreven hebben als ‘een beetje gek’. ‘Ik bedoel, er zit een schroefje bij hem los, niet?’

Radiopresentator, acteur en schrijver

Liddy werd voor zijn rol in het Watergate-schandaal veroordeeld wegens samenzwering, inbraak en het illegaal aftappen van telefoongesprekken. Hoewel hij 20 jaar celstraf kreeg - de langste van alle beklaagden omdat hij weigerde te getuigen, werd hij op voorspraak van (Democratische) president Jimmy Carter in 1977 vervroegd vrijgelaten. Bij zijn vrijlating zei hij tegen verslaggevers dat hij geen spijt had en alles opnieuw zou doen.

Na zijn gevangenisstraf legde Liddy zich toe op zijn werk als radiopresentator, acteur en schrijver. Hij schreef onder meer het autobiografische boek ‘Will’. Daarin beredeneert hij dat de Watergate-inbraak een product was van de cultuuroorlogen in de jaren zestig. ‘Het land was in oorlog, niet enkel extern met Vietnam, maar ook intern’, aldus Liddy in het boek dat in 1980 verscheen en een bestseller werd. ‘Ik had lang geleden de stelregels van (de Romeinse redenaar, red.) Cicero geleerd dat “wetten niet van toepassing zijn in oorlog” en dat “het welzijn van de mensen de belangrijkste wet is’”.

Overlijden

Liddy’s overlijden, dinsdag in het huis van zijn dochter, werd bevestigd door zijn zoon. Die deed over de doodsoorzaak geen mededeling, behalve dat zijn vaders dood niet was veroorzaakt door het coronavirus.

‘Hij had een vol leven, en dat liep gewoon ten einde’, aldus zoon Thomas P. Liddy, die ook liet weten dat de ziekte van Parkinson een paar jaar geleden werd vastgesteld bij zijn vader.