Toezichthouder vindt uitstel voor digitale meter bij eigenaars zonnepanelen ‘onrechtvaardig’
Foto: Marc Herremans/mediahuis

De Vlaamse energiewaakhond Vreg wil niet dat de eigenaars van zonnepanelen pas als allerlaatste een digitale meter krijgen. Dat zegt de regulator in een advies over een ontwerpbesluit van minister van Energie Zuhal Demir (N-VA).

Demir had midden februari aangekondigd dat zogenaamde prosumenten tot 2025 uitstel konden vragen, nadat het Grondwettelijk Hof de regeling rond de virtueel terugdraaiende tellers had vernietigd.

Maar het schrappen van de deadline van 31 december 2022 om alle zonnepaneleneigenaars een digitale meter te geven, stemt de Vreg ontevreden. De regulator vreest dat ‘een aantal prosumenten alle mogelijke middelen zullen gebruiken om ervoor te zorgen dat er geen digitale meter kan worden geplaatst’, klinkt het. ‘Het zou onrechtvaardig en arbitrair kunnen overkomen voor de bestaande prosumenten met een digitale meter dat zij, in tegenstelling tot deze groep, niet de mogelijkheid hebben om maximaal te kunnen genieten van de analoge, terugdraaiende teller.’

Voor de Vreg is het belangrijk dat ook de prosumenten zo snel mogelijk via de digitale meter en het capaciteitstarief ‘aangezet worden tot een efficiënt netgebruik’. Net zij kunnen de digitale meter, met nieuwigheden zoals terugleveringscontracten en dynamische elektriciteitscontracten, het beste benutten.

Volgens de Vlaamse uitrolplanning, een omzetting van een Europese richtlijn, moet 80 procent van de digitale meters tegen 2025 zijn geplaatst, en tegen 1 juli 2029 allemaal. Bestaande zonnepaneleneigenaars gelden als prioritaire doelgroep voor de uitrol van de meters, om een efficiënt netgebruik te verzekeren. Maar om investeringen in zonnepanelen niet te veel af te remmen, werd er in een overgangsregime voorzien: wie tot vorig jaar zonnepanelen liet installeren, kon ook met een digitale meter nog opteren om vijftien jaar lang gebruik te maken van een virtuele terugdraaiende teller.

Het Grondwettelijk Hof schrapte dat systeem in januari, in een procedure die was aangespannen door onder meer de Vreg. Daarom kwam Demir met een nieuwe compensatieregeling over de brug: prosumenten worden geschrapt als prioritaire doelgroep bij de uitrol van de digitale meter en kunnen tot 2025 bij netbeheerder Fluvius uitstel vragen om een digitale meter te installeren. Voor eigenaars van zonnepanelen die al een digitale meter hebben, komt er een retroactieve investeringspremie.

Factuur

In het advies staat de Vreg ook stil bij de impact van die compensatiemaatregelen op de elektriciteitsfactuur. Door de behandeling van de aanvragen voor een retroactieve investeringspremie wordt Fluvius met extra werk en dus kosten opgezadeld, zegt de Vreg. Die kosten worden voor 2021 geraamd op 830.000 euro en worden mogelijk doorgerekend in de nettarieven, en dus ook in de elektriciteitsfactuur.

Omdat het Vlaams regeerakkoord stelt ‘dat de meerkosten op de elektriciteitsfactuur zeker niet verder mogen toenemen als gevolg van Vlaams beleid’, vreest de Vreg bovendien dat de regering de financiering voor de bijkomende kosten zou halen uit de vergoedingen waarmee de regulator onder meer groenestroomcertificaten opkoopt. Dat zou onrechtstreeks ook kunnen leiden tot hogere distributienettarieven.

Het kabinet van minister Demir zegt ‘akte te nemen’ van het commentaar van de Vreg.