Vlaanderen wil tijdelijk werklozen verplicht activeren
Vlaams minister van Werk Hilde Crevits (CD&V). Foto: BELGA

Wie tijdelijk werkloos is door corona, moet zich niet inschrijven bij de VDAB. Vlaams minister van Werk Crevits wil dat veranderen.

De federale regering verlengde vrijdag het vereenvoudigde stelsel van tijdelijke werkloosheid voor werknemers die vanwege de corona­crisis zonder werk zitten. Een werknemer die tijdelijk werkloos wordt uit overmacht, moet zich in principe na drie maanden beschikbaar stellen voor de arbeidsmarkt en zich inschrijven bij de VDAB, maar voor de coronacrisis werd hierop een uitzondering gemaakt. Door de beslissing van vrijdag werd die uitzondering opnieuw verlengd. Op die manier hoeven ­tijdelijk werklozen niet op zoek te gaan naar een andere baan of een opleiding te volgen, en zijn ze toch zeker van hun uitkering.

In december 2020 waren 162.000 werknemers in Vlaanderen tijdelijk werkloos. Bijna 60.000 van hen waren dat voor minstens tien dagen. De Vlaamse regering vreest dat veel van die tijdelijk werklozen, die intussen soms al bijna een jaar zonder job zitten, definitief in de inactiviteit zullen verzeilen.

‘Aanklampend’

De VDAB probeert de tijdelijk werklozen nu al met zijn aanbod te bereiken zodra ze zonder werk vallen. Na tien dagen volgt een intensievere aanpak, met een gepersonaliseerd aanbod.

Met de vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers werd afgesproken dat wie ‘intensief’ tijdelijk werkloos is – mensen die minstens drie maanden op rij tien dagen per maand tijdelijk werkloos zijn – ‘aanklampend’ benaderd zullen worden. ‘Diepgaande opvolging en begeleiding’ moeten hen aan een opleiding, stage, vrijwilligerswerk of een andere job helpen. Maar van een verplichting is geen sprake. Daardoor bereikt de VDAB veel tijdelijk werklozen niet.

Driekwart opleiding of ander werk

Vlaams minister van Werk Hilde Crevits (CD&V) vraagt nu dat de ­inschrijving bij de VDAB voor die intensief tijdelijk werklozen wel verplicht gemaakt wordt. Een dergelijke verplichting is een federale bevoegdheid. Met de sociale partners is overeengekomen dat minstens de helft van hen een opleiding moet volgen of naar een andere (tijdelijke) job toegeleid wordt. De Vlaamse regering wil dat nu optrekken naar driekwart.

Vlaanderen vraagt dat de verplichting ingaat op 1 april, de ­datum waarop de uitzondering voor tijdelijk werklozen normaal had moeten vervallen. ‘Tijdelijke werkloosheid mag geen verloren tijd zijn’, zegt Crevits. ‘Integendeel, het is het ideale moment om een opleiding te volgen of tijdelijk een andere job te doen en de vaardigheden aan te scherpen.’