Familiehulp zegt ja tegen vaccin
Foto: BELGA

Meer dan 85 procent van de medewerkers van Familiehulp zegt ja tegen het covid-19-vaccin. Een minderheid twijfelt om medische redenen en ook omdat ze het vaccin niet vertrouwen.

Familiehulp, de grootste organisatie voor thuiszorg in Vlaanderen en Brussel, kan rekenen op een grote vaccinbereidheid bij haar medewerkers. Dat blijkt uit een peiling die de zorgorganisatie intern heeft gehouden, waaraan meer dan duizend werknemers hebben deelgenomen. ‘We zijn daar erg blij mee’, zegt algemeen directeur Ann Demeulemeester.

‘Onze sector heeft een jaar lang zeer sterk de impact van corona gevoeld. In eerste instantie hebben we sterk ingezet op de veiligheid van onze medewerkers en op een veilige zorg aan huis. Nu het vaccin eraan komt, vinden we dat we ook een preventieve verantwoordelijkheid hebben tegenover de meer dan 80.000 mensen die ondersteuning krijgen van onze 13.000 medewerkers.’

Van de 1.073 medewerkers die de vragen hebben beantwoord, zeggen er 917 (85,5 procent) dat ze bereid zijn om zich te laten vaccineren. Ze doen dat in de allereerste plaats omdat ze die verantwoordelijkheid willen opnemen ten aanzien van klanten en collega’s, en ook omdat ze uitkijken naar een terugkeer naar het normale leven.

Kama Beweegt: spuitje van een cent

Allergie en zwangerschap

Slechts 21 medewerkers (net geen 2 procent) gaven aan het vaccin niet te willen. Een grotere groep (135 mensen of 12,5 procent) wil het vaccin nu nog niet. Ze geven daar fysieke redenen voor op: allergie, zwangerschap of de wens om zwanger te worden. Een tachtigtal van deze mensen zegt voorlopig neen vanwege niet genoeg vertrouwen in het covid-vaccin. Ze willen eerst meer informatie krijgen over de bijwerkingen en eventuele allergieën. Ze willen ook meer kennis over hoe het vaccin ontwikkeld is.

‘We zullen niet op die mensen inbeuken’, zegt Demeulemeester. ‘We zullen ze wel verder blijven informeren, via nieuwsbrieven, informatie op de website, en gesprekken met de maatschappelijk werkers die hen begeleiden. Mogelijk ook via e-learnings: dit jaar hebben we ontdekt hoeveel we daarmee kunnen doen.’

Twee op de drie medewerkers hebben aangegeven dat ze ‘vaccinatie-ambassadeur’ willen worden, ten aanzien van hun collega’s en hun klanten. Demeulemeester: ‘Wij denken dat wij een soort gezagsfunctie hebben bij de ouderen en de gezinnen die we ondersteunen. Zij zullen ons misschien sneller geloven. Onze medewerkers zullen de klanten ook praktisch helpen: ze kunnen meegaan naar het vaccinatiecentrum. Ze kunnen ook helpen bij het maken van de afspraak. Blijkbaar zal iedereen zich moeten registreren op een website – dat is voor veel mensen niet zo evident als het lijkt.’